• Magazines
    • 2026, ICT & AI
  • Nieuws
    • Accountancy
    • Fiscaal
    • Overig
  • Blog
  • Podcast
  • Partners
  • Opleidingen
    • AV Young Professional
    • Summercourses
    • Incompany
  • Vacatures
    • Kantoren
  • Kennisdocs
  • Events
    • Nationale salarisdag
    • Nationaal Congres Familiebedrijven
    • AV-padeltoernooi 2026
    • AV-padeltoernooi | SBR Nexus en Accountancy Vanmorgen
  • AV-Top 50
    • AV-Top 50 | 2025
    • AV-Top 50 | 2024
    • AV-Top 50 | 2023
    • AV-Top 50 | 2022
    • AV-Top 50 | 2021
  • Specialist
  • Over ons
  • Adverteren
  • Vrienden
  • Contact
  • Volg een cursus
  • Nieuwsbrief
  • LinkedIn
  • Mail
  • Instagram
  • Spring naar de hoofdnavigatie
  • Door naar de hoofd inhoud
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst
  • Over ons
  • Adverteren
  • Vrienden
  • Contact
  • Volg een cursus
  • Nieuwsbrief
Accountancy Vanmorgen

  • Magazines
    • 2026, ICT & AI
  • Nieuws
    • Accountancy
    • Fiscaal
    • Overig
  • Blog
  • Podcast
  • Partners
  • Opleidingen
    • AV Young Professional
    • Summercourses
    • Incompany
  • Vacatures
    • Kantoren
  • Kennisdocs
  • Events
    • Nationale salarisdag
    • Nationaal Congres Familiebedrijven
    • AV-padeltoernooi 2026
    • AV-padeltoernooi | SBR Nexus en Accountancy Vanmorgen
  • AV-Top 50
    • AV-Top 50 | 2025
    • AV-Top 50 | 2024
    • AV-Top 50 | 2023
    • AV-Top 50 | 2022
    • AV-Top 50 | 2021
  • Specialist
Home » Aanwijzen vergoeding als eindheffingsloon uiterlijk op genietingsmoment

Aanwijzen vergoeding als eindheffingsloon uiterlijk op genietingsmoment

Fiscaal, Nieuws

12 april 2024 door Accountancy Vanmorgen

Een werkgever kan een loonbestandsdeel na het genietingsmoment niet meer aanwijzen als eindheffingsbestanddeel onder de werkkostenregeling, oordeelt de Hoge Raad. De aanwijzing van een vergoeding als eindheffingsbestanddeel moet plaatsvinden op het moment waarop het loonbestanddeel wordt genoten.

Wat speelt er in deze zaak?

De werkgever maakt onderdeel uit van een groep vennootschappen (de Groep). In 2006 is de destijds voor werknemers van de Groep geldende pensioenregeling op basis van het middelloonstelsel gewijzigd naar een beschikbarepremieregeling. De in de middelloonregeling opgebouwde aanspraken zijn (op die van één werknemer na) via een collectieve waardeoverdracht ingebracht in de beschikbarepremieregeling. Een groot aantal (voormalige) werknemers is hierdoor geconfronteerd met een lager dan verwacht pensioen.

Tegemoetkoming door wijziging pensioenregeling

De werkgever heeft besloten om, zonder erkenning van aansprakelijkheid, een tegemoetkoming te betalen aan de (voormalige) werknemers die door de wijziging van de pensioenregeling werden getroffen. De tegemoetkoming varieert van € 500 tot € 189.322 per (voormalige) werknemer, met een gemiddelde van € 26.268.

Fiscale behandeling tegemoetkoming

De werkgever heeft deze (voormalige) werknemers bij brief van 21 april 2017 geïnformeerd over de tegemoetkoming. In die brief is het volgende opgemerkt over de fiscale behandeling van de tegemoetkoming:

“Het betreft bruto bedragen, waarop nog geen loonbelasting en sociale premies zijn ingehouden. [De Groep] onderzoekt op dit moment de mogelijkheden om de regeling fiscaal zo efficiënt mogelijk te kunnen uitbetalen. Of dit mogelijk is hangt af van een aantal omstandigheden, zoals de medewerking van de Belastingdienst, alsmede de persoonlijke omstandigheden van de betreffende werknemer (zoals bijv. de “fiscale ruimte”). U kunt dit ook met uw eigen adviseur bespreken.”

Verzoek tot goedkeuring voor aanwijzing tegemoetkoming

De werkgever heeft de Inspecteur vervolgens bij brief van 12 mei 2017 verzocht goed te keuren dat de verschuldigde belasting over de tegemoetkoming voor rekening komt van de Groep en wordt afgewikkeld met één aanslag op naam van de Groep. Als de Inspecteur niet akkoord zou kunnen gaan met een dergelijke formalisering op grond van artikel 64 AWR, heeft de werkgever de Inspecteur in die brief verzocht goed te keuren dat de Groep de tegemoetkoming kan aanwijzen als eindheffingsbestanddeel onder de werkkostenregeling. De werkgever heeft dit laatste verzoek als volgt geformuleerd:

“Aangezien het aanwijzen van eindheffingsbestanddelen enkele jaren geleden onderwerp van discussie is geweest, ontvangen wij graag uw goedkeuring dat [de Groep] de compensaties als eindheffingsbestanddeel kan aanwijzen.”

Niet akkoord met aanwijzing als eindheffingsbestanddeel

De Inspecteur heeft de werkgever bij brief van 30 mei 2017 geïnformeerd dat hij niet akkoord gaat met deze voorstellen. Volgens de Inspecteur is geen sprake van een situatie waarop artikel 64 AWR van toepassing zou kunnen zijn. Verder is het volgens de Inspecteur niet gebruikelijk om dergelijke loonbestanddelen aan te wijzen als eindheffingsbestanddeel, en kan hij daarom niet akkoord gaan met een zodanige aanwijzing.

Aangewezen als eindheffingsloon

De Groep heeft vervolgens in het tijdvak juli 2017 aan in totaal 167 actieve werknemers en 98 postactieve werknemers de tegemoetkoming betaald. De werkgever heeft voor dit tijdvak de bedragen aan tegemoetkoming die zijn betaald aan de actieve werknemers tot een bedrag van € 2.400 per werknemer aangewezen als eindheffingsloon en in de vrije ruimte ondergebracht. De daarboven aan de werknemers uitbetaalde bedragen aan tegemoetkoming zijn door de werkgever behandeld als individueel werknemersloon door daarop loonbelasting in te houden en op aangifte af te dragen.

Wat oordeelt het Hof?

Het Hof oordeelt dat de werkgever de tegemoetkomingen niet heeft aangewezen als eindheffingsbestanddeel. Deze aanwijzing kan de werkgever niet meer in beroep of hoger beroep doen. Alleen daarom al kan belanghebbende niet van de werkkostenregeling gebruikmaken.

Voor het Hof was op 15 maart 2022 onder meer in geschil of de werkgever met betrekking tot de aan actieve werknemers toegekende tegemoetkoming, voor zover deze meer bedraagt dan € 2.400 per werknemer, het voorziene eindheffingsregime kan toepassen, dat voorziet in toepassing van een tarief van 80 procent (zie ECLI:NL:GHARL:2022:1960).

In later stadium alsnog aanwijzen?

Het geschil spitste zich toe op de vraag of de werkgever dit deel van de tegemoetkoming voorafgaande aan de uitbetaling ervan heeft aangewezen als eindheffingsloon en, zo niet, of het dan mogelijk is dat de werkgever dit deel in een later stadium, in de fase van bezwaar of (hoger) beroep, alsnog als eindheffingsloon aanwijst.

Het Hof heeft vooropgesteld dat een vergoeding is aangewezen als eindheffingsbestanddeel als daarmee rekening is gehouden bij de uitbetaling van het loon en deze vergoeding als zodanig op individueel niveau is verwerkt in de loonadministratie.

Maximaal € 2.400 per werknemer aangewezen

Het Hof heeft vervolgens geoordeeld dat in het onderhavige geval vaststaat dat de werkgever met betrekking tot de maand juli 2017 ten aanzien van de tegemoetkoming per werknemer maximaal € 2.400 heeft aangewezen, en het meerdere als werknemersloon heeft aangemerkt. De werkgever heeft hierover loonheffingen ingehouden en afgedragen.

De werkgever heeft verder dat hij wel een hoger bedrag als eindheffingsbestanddeel had willen aanwijzen, maar dat deze aanwijzing niet heeft plaatsgevonden. Bij de uitbetaling van het loon is dan ook uitsluitend rekening gehouden met een vergoeding van maximaal € 2.400 als aangewezen eindheffingsbestanddeel.

Loonheffing op juiste wijze plaatsgevonden

Aangezien de werkgever geen hogere vergoeding heeft aangewezen als eindheffingsbestanddeel – nog afgezien van de vraag of een dergelijke vergoeding aan het gebruikelijkheidscriterium voldoet – heeft loonheffing in zoverre op een juiste wijze plaatsgevonden, aldus het Hof.

Verder heeft het Hof geoordeeld dat gelet op het stelsel van de wet en de aard van de werkkostenregeling moet worden aangenomen dat de aanwijzing als eindheffingsbestanddeel op een zodanig moment moet worden gedaan dat daarmee rekening kan worden gehouden bij de uitbetaling van het loon en dat dit loonbestanddeel als zodanig op individueel niveau kan worden verwerkt in de loonadministratie.

Aanwijzen kan niet in later stadium

Het Hof verwijst hierbij naar de parlementaire toelichting, waarin is opgemerkt dat de werkgever uiterlijk op het moment van uitbetalen bepaalt of voor wat betreft een vergoeding sprake is van een eindheffingsbestanddeel en dat deze keuze definitief is. Een aanwijzing kan daarom niet in een later stadium, zoals in de bezwaar- of beroepsfase, worden gedaan, aldus het Hof.

Geen foutieve verwerking in administratie

Van foutherstel is volgens het Hof geen sprake, omdat uit de tot de gedingstukken behorende overeenkomsten en overige correspondentie tussen de werkgever en haar werknemers niet kan worden afgeleid dat voorafgaand aan de uitbetaling is afgesproken dat ook het meerdere boven de vergoeding van € 2.400 door de werkgever zou worden aangewezen als eindheffingsbestanddeel, zodat niet kan worden gesproken van een foutieve verwerking in de administratie.

Wat oordeelt de Hoge Raad?

De middelen richten zich tegen de weergegeven oordelen van het Hof. Het eerste middel betoogt dat het Hof met zijn vooropstelling een verkeerde maatstaf heeft aangelegd, met name doordat het Hof maatgevend acht of met de aanwijzing als eindheffingsbestanddeel rekening is gehouden bij de uitbetaling van het loon en of de aanwijzing is verwerkt in de loonadministratie.

Als eindheffingsbestanddeel aangewezen

Volgens het eerste middel is het oordeel van het Hof dat de vergoedingen niet als eindheffingsbestanddeel zijn aangewezen, onjuist dan wel onvoldoende gemotiveerd.

Volgens het middel is in dit geval voldoende aannemelijk dat de vergoedingen als eindheffingsbestanddeel zijn aangewezen, gelet op de correspondentie die de werkgever voerde met de Inspecteur, de mededelingen die zij daarover heeft gedaan aan de werknemers, en de omstandigheid dat hij binnen zes weken bezwaar heeft aangetekend tegen de afdracht van loonheffing.

In bezwaar en beroep aanwijzen als eindheffingsbestanddeel

Het tweede middel betoogt – subsidiair – dat de werkgever de aan de actieve werknemers toegekende vergoedingen alsnog in bezwaar en (hoger) beroep kan aanwijzen als eindheffingsbestanddeel, voor zover die vergoedingen meer bedragen dan € 2.400. Een andersluidend oordeel zou volgens het middel meebrengen dat geen sprake meer is van effectieve rechtsbescherming en zou daarmee een inbreuk vormen op artikel 1 van het Eerste Protocol bij het EVRM.

In de tweede plaats betoogt het middel dat het Hof met zijn oordeel heeft miskend dat in de fase van bezwaar en (hoger) beroep in elk geval foutherstel mogelijk moet zijn, en dat die mogelijkheid voor haar openstaat omdat zij in dit geval een voor herstel vatbare fout heeft gemaakt.

Aanwijzing is vormvrij

De Wet op de loonbelasting 1964 (Wet LB 1964) stelt geen eisen aan de vorm waarin de aanwijzing moet plaatsvinden. Uit de geschiedenis van de totstandkoming van artikel 31, lid 1, letter f, van de Wet LB 1964 valt ook niet af te leiden dat de wetgever alleen aanwijzingen in een bepaalde vorm heeft willen aanvaarden. Daarom moet worden aangenomen dat de aanwijzing vormvrij is.

Administratieve vastlegging geen noodzakelijke voorwaarde

De aanwijzing kan bijvoorbeeld plaatsvinden door een mededeling van de inhoudingsplichtige aan de betrokken werknemer(s) of door een vastlegging in de administratie van de inhoudingsplichtige. Administratieve vastlegging is echter geen noodzakelijke voorwaarde om te kunnen aannemen dat de inhoudingsplichtige een vergoeding als eindheffingsbestanddeel heeft aangewezen.

Wijze verloning niet doorslaggevend

Als de inhoudingsplichtige loonbelasting inhoudt wat betreft van een vergoeding, kan daaruit als regel worden afgeleid dat hij dit loonbestanddeel niet als eindheffingsbestanddeel heeft aangewezen, omdat de inhouding van loonbelasting erop wijst dat hij niet heeft besloten deze belasting voor zijn rekening te nemen en als eindheffing af te dragen. De wijze van verloning is echter niet doorslaggevend.

Aannemelijk maken

De mogelijkheid bestaat dat een inhoudingsplichtige een vergoeding als eindheffingsbestanddeel heeft aangewezen en toch daarvoor loonbelasting inhoudt. Ook dan ligt het op de weg van de inhoudingsplichtige de feiten te stellen en bij betwisting aannemelijk te maken die meebrengen dat een aanwijzing heeft plaatsgevonden.

Aanwijzing uiterlijk op genietingsmoment

In de wet is niet geregeld wanneer de aanwijzing van een vergoeding als eindheffingsbestanddeel uiterlijk moet plaatsvinden. Uit het stelsel van de wet moet worden afgeleid dat de aanwijzing uiterlijk moet plaats vinden op het moment waarop het desbetreffende loonbestanddeel wordt genoten in de zin van artikel 13a van de wet. Op dat moment is de inhoudingsplichtige verplicht om loonbelasting op het loon in te houden, tenzij het eindheffingsregime van toepassing is.

Uiterlijk op dat moment moet dus kunnen worden vastgesteld of het eindheffingsregime van toepassing is als gevolg van een aanwijzing door de inhoudingsplichtige. Dat de aanwijzing als eindheffingsbestanddeel uiterlijk op dat moment moet plaatsvinden, vindt ook steun in de parlementaire geschiedenis van artikel 31, lid 1, letter f, van de wet.

Niet anders door mogelijkheid herstel

Dit wordt niet anders door de omstandigheid dat de Belastingdienst de mogelijkheid van herstel aanvaardt als met betrekking tot de toepasselijkheid van het eindheffingsregime fouten zijn gemaakt in die zin dat de inhoudingsplichtige als gevolg van een vergissing (i) een vergoeding ten onrechte niet tot het bij de werknemer te belasten loon heeft gerekend, of (ii) een vergoeding die tot het bij de werknemer te belasten loon behoort, ten onrechte als eindheffingsbestanddeel heeft behandeld.

Verkeerde maatstaf

Het eerste middel voert terecht aan dat het Hof met zijn hiervoor vermelde vooropstelling een verkeerde maatstaf heeft aangelegd. Gelet op hetgeen hiervoor is vooropgesteld, is voor aanwijzing van een vergoeding als eindheffingsbestanddeel niet noodzakelijk dat daarmee rekening is gehouden bij de uitbetaling van het loon en evenmin dat de vergoeding als zodanig op individueel niveau is verwerkt in de loonadministratie.

Geen blijk van miskenning

Hoewel het terecht is voorgedragen, kan het eerste middel niet tot cassatie leiden. Het Hof is bij zijn oordeel kennelijk ervan uitgegaan dat de door de werkgever aangevoerde feiten en omstandigheden niet meebrengen dat de werkgever voorafgaande aan de uitbetaling een hogere vergoeding dan € 2.400 per werknemer heeft aangewezen als eindheffingsbestanddeel. Daarmee heeft het Hof, wat er ook zij van de daaraan ten grondslag liggende overwegingen, geen blijk gegeven van miskenning van hetgeen hiervoor is vooropgesteld over het begrip aanwijzen.

Voor het overige kan dit oordeel van het Hof, als verweven met waarderingen van feitelijke aard, door de Hoge Raad in de cassatieprocedure niet op juistheid worden onderzocht. Het is ook niet onbegrijpelijk of onvoldoende gemotiveerd.

Aanwijzing niet voor het eerst in bezwaar- of beroepsfase

Het tweede middel faalt voor zover het betoogt dat aanwijzing van een vergoeding als eindheffingsbestanddeel ook nog mogelijk is na het moment waarop dat loonbestanddeel wordt genoten. Gelet op hetgeen hiervoor is vooropgesteld, heeft het Hof terecht geoordeeld dat een dergelijke aanwijzing niet voor het eerst in de bezwaar- of beroepsfase kan worden gedaan.

Geen onaanvaardbare beperking rechtsbescherming

Deze beperking in de tijd kan, anders dan het middel betoogt, niet worden gezien als een onaanvaardbare beperking van de rechtsbescherming en daarmee ook niet als een schending van artikel 1 van het Eerste Protocol bij het EVRM. Rechtsbescherming in overeenstemming met deze bepaling brengt niet mee dat een belasting- of inhoudingsplichtige de door hem niet gewenste gevolgen van een door hem voorgenomen beslissing moet kunnen onderwerpen aan het oordeel van de rechter teneinde die beslissing na een ongunstig oordeel achterwege te kunnen laten of ongedaan te kunnen maken.

Geen voor herstel vatbare fout

Het tweede middel faalt ook voor zover het betoogt dat in dit geval een voor herstel vatbare fout is gemaakt. Van een fout als hiervoor bedoeld is geen sprake in een geval als het onderhavige, waarin de inhoudingsplichtige een al genoten loonbestanddeel niet heeft aangewezen, maar het bij nader inzien later alsnog wil aanwijzen als eindheffingsbestanddeel.

Hoge Raad, 5 april 2024, ECLI:NL:HR:2024:387

Categorie: Fiscaal, Nieuws Tags: Hoge Raad, loonheffingen, werkkostenregeling

Tags: Hoge Raad, loonheffingen, werkkostenregeling

Gerelateerde artikelen

22 juni 2026

Hoge Raad: Duits pensioen alleen belast voor deel waarvoor premie aftrekbaar was

19 juni 2026

Hoge Raad verduidelijkt positie van derden bij fiscale vorderingen in faillissement

16 juni 2026

Hof: Nederland mag pseudo-eindheffing over vertrekvergoeding Italiaanse expat opleggen

15 juni 2026

Aparte WKR-vrijstelling voor personeelskorting moet verdwijnen

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Hoofdsponsor

ICT & AI | Meer efficiëntie, met behoud van professionele kwaliteit

Kennispartner

Wanneer wordt het bv-risico een privé-risico? De rol van de accountant bij bestuurdersaansprakelijkheid

Partners

ICT & AI | “Slim automatiseren begint bij gedrag”
Private equity in accountancy: drie spanningsvelden die het vak veranderen
ICT & AI | “Wie bewust kiest, kiest voor toekomstbestendigheid”
ICT & AI | Waarom inzicht nog geen advies is
ICT & AI | De accountant als rekenwonder
Waarom werken zoveel kantoren nog met on-premise software (en wat kost dat eigenlijk)? 
ICT & AI | Sturen begint bij actuele data
Feike Cats: “Tevreden klanten? Leg de lat hoger.”
Finergie: “We willen ons onderscheiden met moderne software”
Iedereen wil AI. Maar je processen draaien nog op Excel en post-its.
Hoe standaardisering de stille revolutie in finance ontketende
‘De accountant is essentieel voor ondernemers in het mkb’
Waarom jouw DGA-cliënt echt een arbeidsovereenkomst nodig heeft
De bonnetjes zitten nog in de broekzak: zo verkort je je maandritme
Geen papier meer: wat de overstap naar iXBRL-deponeren van je kantoor vraagt
Het herbeleggen van de Herinvesteringsreserve (HIR) in een vastgoedbeleggingsfonds?
Je helpt klanten met hun administratie — maar hoe zit het met die van jouzelf?
Ketenmachtigingen centraal beheren: zo werkt u slimmer met eHerkenning
de autonome AI-boekhouder
De continuïteitsveronderstelling tijdens een WHOA-traject
Eenvoudig bankrekeningen koppelen met Twinfield, Exact Online en Snelstart
Van Mook: “Met Minox Focus wil ik groeien naar twee keer zoveel klanten.”
Van losse monitoringactiviteiten naar één efficiënt proces
ICT & AI | Met metadata meer duiding in de mappenjungle
Te veel tijd kwijt aan factuurverwerking? Dit is hoe AI het oplost
Uitspraak Hoge Raad: subsidie voor tuchtrechtspraak advocatuur is belast met btw
Informer Money genomineerd voor Best FinTech Startup of the Year België
Wwft-compliance in 2026: doen we het beter dan vorig jaar?
ICT & AI | Volledig automatische factuurverwerking: zo kom je er
Wat betekent verdere automatisering voor de rol van accountant?
Pensioencommunicatie anno 2026 mag burgerlijk ongehoorzaam
Billijke vergoeding: wanneer, hoe hoog en berekening
Een partner met een Amerikaans paspoort – en jij moet het oplossen
Het functiegemak van de INT bij adviezen over en aangiften van erf-en schenkbelasting.
Zomer. Tijd om je loopbaan onder de loep te nemen.
DAC8 leidt tot 15 procent hogere crypto-compliancekosten
5 signalen dat jouw relatiebeheer niet meer werkt (en hoe je dat oplost)
Fusies en overnames | Met waardebepalingen bedrijfsadvies dichter bij de ondernemer
Zkr en SRA bundelen krachten voor efficiëntere Wwft-compliance bij accountantskantoren 
Driver-based models: de essentiële bouwstenen voor elk finance team
Werven op klik is willekeurig. Zo verminder je verloop structureel.
Sturen op cijfers: de 7 KPI’s die elk accountantskantoor moet meten
ABN Amro slokt NIBC op: wat deze overname zegt over de veranderende financiële markt
Boekhoudlandschap sterk gefragmenteerd, softwarekampioen ontbreekt (nog) in Europa
Hoe Hoek en Blok het ondertekenproces drastisch verbeterde
ICT & AI | Betrokkenheid sleutel tot succesvolle onboarding
Govers bouwt aan een volwassen digitaal fundament voor governance, security en AI
Van najagen naar verwerken: waarom vraagposten je proces blokkeren (en hoe je dat stopt)
De rol van private equity bij fusies en overnames
ICT & AI | Data als fundament voor innovatie
Microsoft Copilot gebruiken? Zorg dat je eerst SharePoint op orde hebt 
De rustigste kantoren winnen de AI-wedloop
Cyberbeveiligingswet definitief: dit moet je accountantskantoor vóór 15 augustus geregeld hebben
ICT & AI | Grote belofte AI op klantdossiers, maar praktijk stelt teleur
“Waarom CRM in de accountancy vaak meer ruis dan overzicht brengt”
ICT & AI | “Accountancywerk verandert sneller dan de meeste kantoren beseffen”
De cijfers kloppen. Maar klopt de cultuur ook?
De mensen achter de loonstrook: in gesprek met Susan Hendriks
Klanten soepel bedienen met AFAS SB
Speech to text in compliance software: zo besparen accountants twintig minuten per dossier
Risicocategorieën AI Act blijven onderbelicht, terwijl de verplichtingen al gelden
Groeipad in de samenstelpraktijk: van gevorderd assistent naar client manager
Automatisering heeft direct invloed op declarabele uren 
De volgende stap in AI: HR-assistent Loket begrijpt nu je eigen documenten
Complimenten geven aan medewerkers: dit kan het opleveren  
Fiscaal onzakelijksheidsvermoeden bij verkoop aandelen na splitsing in strijd met Fusierichtlijn
AV-Top 50 | Hoog tijd voor opleiding die jongeren aanspreekt
Wie bepaalt of een bestuurder een tegenstrijdig belang heeft? De Hoge Raad geeft duidelijkheid!
Welke ontwikkelingen in het financieringslandschap zijn van belang voor de accountant?

Vacatures

Gevorderd assistent accountant Audit – Almelo
BonsenReuling
Relatiebeheerder
BonsenReuling
Accountant Agri & Food – Terneuzen
aaff
Medior assistent accountant • Druten
WEA Deltaland
Supervisor controlling & accounting
KNAV
Zelfstandig Assistent Accountant Samenstelpraktijk
PIA Group
Assistent accountant Agri & Food – Groningen
aaff
Assistent Accountant / Relatiemanager, Elysee Accountants
PIA Group
Corporate Finance Advisor
KNAV
Accountant Agri & Food – Roosendaal
aaff
Audit assistent
KNAV
Eindverantwoordelijk Accountant Samenstel (RA of AA)
PIA Group
Senior assistent accountant | samenstel
Scab
Controleleider
Scab
Accountant – Eindhoven
aaff
Accountant Agri & Food – Uden
aaff
Klantadviseur Accountancy (32-40 uur)
Finnerz
Accountant Agri & Food – Gorinchem
aaff
Accountant Agri & Food –  Heythuysen
aaff
Gevorderd assistent accountant
BonsenReuling
Gevorderd Assistent Accountant Audit
PIA Group
Senior Assistent Accountant – Kesteren
WEA Deltaland
Junior manager audit
Bentacera
Abonneer nieuwsbrief AV

Meest gelezen

  • Onderzoek EY brengt ernstige onregelmatigheden in Amersfoort aan het licht 9k weergaven
  • Fiscalist blijft acht jaar in frauderegister na hypotheekfraude 5.4k weergaven
  • Ontslag op staande voet bij accountantskantoor onterecht, maar billijke vergoeding blijft uit 3.7k weergaven
  • Accountant gebruikte bankrekening stichting als persoonlijke pinautomaat 2.2k weergaven
  • Belastingdienst: gebrekkige rittenregistratie blijft veelvoorkomende oorzaak van fiscale correcties 2k weergaven

Vraag en aanbod

Samenwerking gezocht/aangeboden door audit-onlykantoor
Administratiekantoor regio Hendrik Ido Ambacht ter overname gezocht
Samenwerking aangeboden voor wettelijke controles
Ter overname aangeboden: accountantskantoor in West-Friesland
Administratiekantoor ter overname gezocht
Ter overname aangeboden: Accountantskantoor regio Den Haag
Ter overname gezocht: administratiekantoren in heel Nederland
Mbi-kandidaat gezocht voor accountantskantoor uit Twente
Mbi-kandidaten en/of accountantskantoor gezocht in Zeeland
Mbi-kandidaat gezocht voor accountantskantoor uit de regio Eindhoven

Accountancy Vanmorgen (AV) is het platform voor accountants en iedereen die geïnteresseerd is in nieuws, trends, ontwikkelingen, achtergronden en wetenswaardigheden in en rond accountancy en ondernemerschap.

Accountancy Vanmorgen is een uitgave van MOCuitgevers.

 

Categorie

  • Nieuws
  • Blog
  • Partners
  • Opleidingen
  • Vacatures
  • AV-events

Info

  • Over ons
  • Adverteren
  • Vrienden
  • Contact
  • Shop
  • Algemene voorwaarden MOCuitgevers Vanmorgen
  • Annuleringsvoorwaarden
  • Privacybeleid
  • LinkedIn
  • Mail
  • Instagram
Cookies
Om u beter van dienst te kunnen zijn, maakt Accountancy Vanmorgen gebruik van cookies. Klik op instellingen om de cookie instellingen te wijzigen.
  • Ik ga akkoord
  • Instellingen
  • Functionele cookies zijn noodzakelijk voor de werking van deze website.
  • We gebruiken Google Analytics, netjes geanonimiseerd.
  • We gebruiken de marketing cookies om gepersonaliseerde advertenties te tonen.
  • Annuleren
  • Ik ga akkoord

Instellingen