Hoewel het IKO volgens de toezichthouder wordt uitgevoerd in lijn met de geldende wet- en regelgeving, is verbetering nodig om het instrument effectiever te maken.
Het IKO is bedoeld om inzicht te geven in de kwaliteit van afgeronde wettelijke controles, tekortkomingen tijdig te signaleren en structurele verbeteringen mogelijk te maken. Binnen de Standaard voor Kwaliteitsmanagement 1 (SKM1) is het bovendien een belangrijk instrument voor monitoring en herstel. Jaarlijks selecteren accountantsorganisaties hiervoor een aantal opdrachtpartners en controledossiers, die worden beoordeeld op naleving van wet- en regelgeving, professionele standaarden en interne richtlijnen.
Selectie van dossiers kan beter
Volgens de AFM wordt het IKO breed ingezet om risico’s en tekortkomingen in wettelijke controles in beeld te brengen. De uitkomsten dragen bij aan het lerend vermogen van accountantsorganisaties en aan de voortdurende verbetering van de controlekwaliteit. Dat beoordeelt de toezichthouder positief.
Tegelijkertijd constateert de AFM tekortkomingen in de wijze waarop controledossiers worden geselecteerd. De selectie is volgens de toezichthouder onvoldoende onvoorspelbaar en representatief. Vaste selectieroutines, vroegtijdige communicatie over de selectie, een sterke nadruk op grote of risicovolle dossiers en een beperkte omvang van de onderzochte dossiers beperken het zicht op de dagelijkse controlepraktijk. Daardoor kunnen tekortkomingen in wettelijke controles volgens de AFM te laat worden ontdekt of structureel buiten beeld blijven.
De toezichthouder wijst erop dat verbetering mogelijk is, bijvoorbeeld door willekeur toe te passen bij de selectie van controledossiers en een element van onvoorspelbaarheid in te bouwen.
Monitoring én leren
Op basis van het onderzoek moedigt de AFM accountantsorganisaties aan het IKO verder aan te scherpen en nadrukkelijker in te zetten als monitorings- en leermiddel. Een representatievere en minder voorspelbare selectie van dossiers moet leiden tot diepgaandere inzichten in de kwaliteit van afgeronde wettelijke controles. Daarmee kunnen organisaties beter vaststellen of hun kwaliteitsmanagementsysteem effectief functioneert en gerichter inspelen op risico’s en tekortkomingen.
Daarnaast ziet de toezichthouder meerwaarde in het gebruik van het IKO als instrument om te leren. Volgens de AFM stelt dit accountantsorganisaties beter in staat gericht te werken aan een continue verbetering van de controlekwaliteit.
Bevindingen ook onderdeel van toezicht
De AFM benadrukt dat accountants een belangrijke rol spelen bij de betrouwbaarheid van financiële informatie. Volgens de toezichthouder moet de samenleving erop kunnen vertrouwen dat accountantsorganisaties de kwaliteit van hun wettelijke controles structureel borgen, risico’s tijdig onderkennen en tekortkomingen adequaat herstellen.
De bevindingen zijn vastgelegd in het rapport IKO: een scherp instrument levert een scherp beeld. De AFM deelt de uitkomsten met de accountantsorganisaties en zal de voorgenomen aanpassingen betrekken bij haar toezicht.


Geef een reactie