De heffing over een fictief regulier voordeel bij excessief lenen van de eigen BV is niet in strijd met het EVRM, oordeelt de rechtbank Den Haag. De regeling dient een legitiem doel, namelijk het tegengaan van langdurig uitstel of afstel van belastingheffing door aanmerkelijkbelanghouders, en de wetgever is binnen zijn ruime beoordelingsvrijheid gebleven.

