Het gaat om landgoederen die zijn gerangschikt onder de Natuurschoonwet 1928 (NSW). Bij een schenking of erfrechtelijke verkrijging vraagt de aangifte in beginsel om twee waarden: de waarde in het economisch verkeer en de bestemmingswaarde.
De waarde in het economisch verkeer is het hoogste bedrag dat een koper onder de meest gunstige omstandigheden voor het landgoed zou betalen op de datum van overlijden of schenking. Daarbij worden zowel de opstallen als de landerijen meegenomen.
De bestemmingswaarde is de waarde in het economisch verkeer, verminderd met de kosten die samenhangen met de verplichting om het landgoed ten minste 25 jaar in stand te houden. Bij een landgoed dat voor het publiek is opengesteld, hoeft de bestemmingswaarde niet in de aangifte te worden opgenomen.
Verschil tussen open en niet-open
Voor de waardering van het landgoed is de waarde in het economisch verkeer het uitgangspunt. Voor woningen op het landgoed geldt de WOZ-waarde.
Bij een opengesteld NSW-landgoed blijft de belasting die kan worden toegerekend aan de waarde in het economisch verkeer onder voorwaarden gedurende 25 jaar buiten invordering voor degene die het landgoed verkrijgt.
Bij een niet-opengesteld landgoed speelt de bestemmingswaarde wel een rol bij de berekening van de NSW-faciliteit. Over de helft van die bestemmingswaarde is direct erf- of schenkbelasting verschuldigd. Het verschil tussen de waarde in het economisch verkeer en de helft van de bestemmingswaarde blijft onder voorwaarden 25 jaar buiten invordering.
Erf en tuin worden geregeld vergeten
De Belastingdienst wijst specifiek op de waardering van het erf, de tuin en andere aanhorigheden van een woning. Daar gaat het volgens de fiscus in aangiften geregeld mis. „Bij de behandeling van aangiften blijkt regelmatig dat het erf, de tuin en andere aanhorigheden bij een woning op het landgoed niet afzonderlijk zijn gewaardeerd.”
Voor de WOZ-waarde geldt voor die onderdelen een vrijstelling, maar voor de erf- en schenkbelasting niet. De fiscus adviseert daarom om ook deze onderdelen te laten taxeren. „Neem de getaxeerde waarde vervolgens op bij de waarde in het economisch verkeer van de opstallen.”
Bij een woning op een NSW-landgoed is de WOZ-waarde gelijk aan de bestemmingswaarde. Daarbij maakt het volgens de Belastingdienst niet uit of het landgoed voor publiek is opengesteld.
Voor een opengesteld landgoed hoeft de bestemmingswaarde weliswaar niet te worden ingevuld in de aangifte, maar de waarde in het economisch verkeer moet wel worden aangegeven. De Belastingdienst benadrukt daarbij nogmaals: „En vergeet dus niet het erf, de tuin en aanhorigheden te laten taxeren.”


Geef een reactie