Opvallend is dat de Afdeling advisering van de Raad van State geen inhoudelijke opmerkingen maakte bij het voorstel. Dat betekent dat het kabinet het wetsvoorstel vrijwel ongewijzigd naar de Kamer kan sturen. Wel zijn na het advies nog enkele redactionele en technische aanpassingen doorgevoerd.
Wezenpensioen
De belangrijkste wijziging betreft het nabestaandenpensioen. Sinds de invoering van de Wet toekomst pensioenen is het partner- en wezenpensioen vóór de pensioendatum in veel gevallen gebaseerd op een risicoverzekering. Daardoor vervalt de dekking wanneer een werknemer uit dienst gaat.
Met het nieuwe wetsvoorstel krijgen gewezen deelnemers de mogelijkheid om niet alleen het partnerpensioen, maar ook het wezenpensioen vrijwillig voort te zetten. Daarmee wil het kabinet voorkomen dat kinderen tijdelijk zonder financiële bescherming komen te zitten wanneer een ouder werkloos wordt, tussen twee banen zit of als zelfstandige verdergaat.
Eén definitie
Daarnaast wordt het begrip ‘kind’ in de pensioenwetgeving geüniformeerd. De wet gaat voortaan uit van één definitie voor eigen kinderen, stiefkinderen en pleegkinderen. Volgens het kabinet moet dat de uitvoering vereenvoudigen en meer duidelijkheid bieden over wie aanspraak kan maken op een wezenpensioen.
Arbeidsongeschiktheid
Ook voor arbeidsongeschikte deelnemers bevat het voorstel een belangrijke wijziging. Het overgangsrecht voor premievrije voortzetting van pensioenopbouw wordt verruimd. Volgens het kabinet heeft de huidige regeling in de praktijk tot uitvoeringsproblemen geleid bij pensioenfondsen en verzekeraars. De aanpassing moet voorkomen dat deelnemers tijdens de overgang naar het nieuwe pensioenstelsel onbedoeld pensioenopbouw mislopen.
Meer informatie voor deelnemers
In het nader rapport kondigt het kabinet bovendien aan dat pensioenuitvoerders deelnemers en nabestaanden persoonlijker moeten informeren over het verloop van uitkeringen uit het nabestaandenpensioen. Deze verplichting wordt opgenomen in lagere regelgeving. Deelnemers moeten daardoor beter inzicht krijgen in de ontwikkeling van hun uitkering. Verder verduidelijkt het kabinet dat pensioenuitvoerders ruimte krijgen om vrijwillige voortzetting van het nabestaandenpensioen te laten ingaan vanaf het einde van het dienstverband of vanaf het moment waarop de deelnemer de aanvraag doet.
Soepelere overgang
Volgens het kabinet zijn de wijzigingen bedoeld om praktische knelpunten weg te nemen die sinds de invoering van de Wet toekomst pensioenen in 2023 aan het licht zijn gekomen. De aanpassingen moeten bijdragen aan een soepelere overgang naar het nieuwe pensioenstelsel en voorkomen dat deelnemers of nabestaanden tussen wal en schip raken. De Tweede Kamer zal zich de komende maanden over het wetsvoorstel buigen.


Het is en blijft een casicopensioen. Josepha Jutta van de partij van Pieter Omtzigt had gewoon gelijk. Pieter Lakerman heeft op Wynia’s Week een boek gepubliceerd “waar blijft mijn pensioen”.