Tot en met 31 oktober 2026 legt de Belastingdienst geen verzuimboete op bij een te late aangifte die betrekking heeft op de aangifteplicht uit artikel 14.3 van de Wet minimumbelasting 2024. De uitzondering geldt ook voor het te laat betalen van de bijheffing op grond van dat artikel.
Volgens de toelichting gaat de eerste aangifteperiode gepaard met internationale implementatieproblemen en technische opstartproblemen. Groepsentiteiten zijn voor de aangifte en betaling mede afhankelijk van gegevens uit de bijheffing-informatieaangifte.
De toelichting stelt dat deze problemen meebrengen dat de belastingplichtige redelijkerwijs geen verwijt kan worden gemaakt van een te late betaling. Een vergrijpboete wegens te late betaling is daarom volgens de staatssecretaris in deze periode niet aan de orde.
De tijdelijke bepalingen vervallen op 1 november 2026. Aangiften en betalingen die na 31 oktober 2026 te laat worden gedaan, kunnen volgens het besluit weer als verzuim worden beboet.
Beleidsregels voor informatieverplichtingen
Het besluit bevat nieuwe beleidsregels voor vergrijpboeten bij binnenlandse informatieverplichtingen in het kader van DAC7 en DAC8. Als het aan opzet of grove schuld van de belanghebbende is te wijten dat deze verplichtingen niet, te laat, onjuist of onvolledig worden nagekomen, legt de inspecteur een vergrijpboete op. De hoogte wordt vastgesteld in overleg met de vaktechnisch coördinator formeel recht.
Ook voor de informatieverplichtingen uit de Wet minimumbelasting 2024 is een boetebepaling opgenomen. Daartoe behoort de met DAC9 ingevoerde verplichting om aan te geven welke delen van de bijheffing-informatieaangifte aan andere landen moeten worden verstrekt.
Het boetebeleid voor grensoverschrijdende informatieverplichtingen wordt aangepast aan de sinds 1 januari 2026 geldende wettelijke maxima. Voor het niet nakomen van de verplichtingen uit artikel 11, eerste lid, WIB is het maximum verhoogd van de vierde naar de zesde boetecategorie. Het maximum is per 1 januari 2026 verhoogd van de vierde boetecategorie (€ 27.500 in 2026) naar de zesde boetecategorie (€ 1.100.000 in 2026).
De met DAC8 ingevoerde boetegrondslag voor informatieverplichtingen kent eveneens een maximum van € 1,1 miljoen. Voor het opleggen van een vergrijpboete moet de inspecteur volgens de toelichting overtuigend aantonen dat sprake is van opzet of grove schuld.
Het gewijzigde besluit treedt grotendeels op 8 augustus 2026 in werking.


Geef een reactie