Vandaag debatteert de Kamer met minister van Sociale Zaken, Lodewijk Asscher, over de transitievergoeding. Een meerderheid van de Kamerleden wil dat er een oplossing komt voor de onbedoelde effecten van de transitievergoeding. Dat meldt nu.nl. Het is nog wel de vraag of een Kamermeerderheid Asscher zal oproepen om met een overgangsregeling te komen.
De transitievergoeding vervangt per 1 juli de ontslagvergoedingen en wordt bepaald aan de hand van het aantal dienstjaren. Werknemers krijgen dan een derde van een bruto maandsalaris per dienstjaar als zij twee jaar aaneengesloten hebben gewerkt. Maar de manier waarop “aaneengesloten” wordt berekend levert met name in het geval van seizoenswerkers problemen op. In de nieuwe regels is de “keten” van contracten namelijk pas doorbroken bij zes maanden uit dienst, bij de oude regels was dit drie maanden. Hierdoor komen veel werknemers na 1 juli toch in aanmerking voor een mogelijk torenhoge transitievergoeding, aangezien daarbij met terugwerkende kracht de nieuwe ketenregels worden gehanteerd. Bovendien dreigen veel van deze seizoenswerkers voor 1 juli ontslag te krijgen om de hoge vergoeding te kunnen voorkomen. Bedrijven konden niet op die regels anticiperen en worden onevenredig hard geraakt, vindt de Tweede Kamer.
Probleem
“Dit levert een probleem op voor deze bedrijven. Toen ze de werknemers eerder tijdelijk in dienst namen konden de werkgevers niet weten dat er later een prijskaartje aan kwam te hangen”, aldus ChristenUnie-Kamerlid Carola Schouten. “Voor sommige bedrijven loopt de rekening op korte termijn op tot 1 miljoen euro. Dat is ondraaglijk voor deze bedrijven.” D66-Kamerlid Steven van Weyenberg: “De minister moet met een aanpassing komen”. Anne Mulder (VVD) deelt de opvatting dat er een oplossing moet worden gevonden. “Bedrijven hebben zich niet kunnen voorbereiden en mensen worden ontslagen. Het ligt voor de hand dat de minister met een oplossing komt om deze onbedoelde effecten te voorkomen.” Ook coalitiegenoot PvdA vindt dat er serieus moet worden gekeken naar de bijeffecten. “Als er onbedoelde effecten zijn, en dat moet heel zorgvuldig, dan moet je daar serieus naar kijken. Juist in het belang van werknemers die lang bij een werkgever aan de slag zijn”, aldus Kamerlid Roos Vermeij. De PVV noemt de termijnwijziging van drie naar zes maanden een vorm van “ondernemer pesten”. Kamerlid Machiel de Graaf laat echter weten nog niet te weten of hij een overgangsregeling steunt.


Geef een reactie