Dit eerste artikel start met een kleine introductie over hemzelf, de casus en partijposities. Ook geeft Breukhoven een globale achtergrond over mediation.
Rol mediator
Cumulatieve irritaties zorgen voor knopen in de maag. Vooral als deze irritaties niet tijdig bij de hoorns gevat worden. In 90% van de gevallen zeggen mijn cliënten: ”Had ik tóen maar…”. In mijn praktijk begeleid ik als zelfstandig MfN-registermediator cliënten in bijvoorbeeld samenwerkingsverbanden. Zoals de maatschap uit het voorbeeld in dit artikel.
Dat ik zelf inhoudelijk verstand van zaken heb, doet aan tafel niet ter zake: partijen bedenken en dragen namelijk zelf de oplossing. Men wil onder begeleiding van een onpartijdige, neutrale en onafhankelijke MfN-registermediator een oplossing vinden. Tijdens de kennismaking maak ik duidelijk in overeenstemming met richtlijnen van de Mediatorsfederatie Nederland te werken. Enerzijds borg ik hiermee duidelijk afgekaderde verwachtingen. Anderzijds ben ikzelf loepzuiver in de mediationleer: partijen bepalen en ik begeleid het proces. Wel houd ik als jurist zicht op het wettelijk kader, waarbij ik niet zal adviseren maar wél informeren.
Om in dit artikel een schriftelijk fiscaal-, ondernemingsrechtelijk college over personenvennootschappen te berde te brengen is, gezien de doelgroep van AV, niet noodzakelijk. Wel wil ik je enthousiasmeren de eigen vakinhoudelijke referentiekaders (en persoonlijke aannames) telkens kort te parkeren en mee te lezen hoe ik partijen begeleid om van standpunten naar belangen te komen. De door partijen gezamenlijk bedachte en gedragen oplossing is vaak duurzaam en bestendig.
Introductie casus
“Met vrienden moet je wandelen, niet handelen”. Het startpunt van deze personenvennootschap is een strandwandeling met z’n vieren, alles was nog pais en vree. Bier en bitterballen volgden. Het bedrijfsplan werd op de achterkant “van een blauwe envelop” geschreven. De maatschap werd een maand later geboren. Dankzij een samenvoeging van elkaars cliënten plus fiscale kennis en ondernemingsrechtelijke kunde groeide de omzet in het eerste jaar van gestaag naar fors. Enkele belastingkwartalen verder handelden ”de eigen vier” er vlijtig op los. Maar het wandelen? Dat is niet meer gebeurd, maar ”had onze redding geweest kunnen zijn”, zeggen ze achteraf.
In het waargebeurde maar geanonimiseerde voorbeeld tussen deze vennoten is de maatschap opgezegd en wordt mogelijk voortgezet (7A:1683 sub 4 BW). Ware het niet dat er nog een stevige goodwilldiscussie aan ten grondslag ligt. Daarnaast discussiëren ze over inbreng (7A:1662 BW) waarbij er zoveel persoonlijke irritaties zijn dat samenwerken vrijwel onmogelijk maakt.
Goodwill-oorlog
Op een warme zomeravond gaat hoog in de Oostenrijkse bergen om 18.01 uur mijn telefoon. ”Antarctica is nog warmer dan onze samenwerking onderling”, werd twintig seconden na de begroeting ingebracht. ”Bovendien woedt er een goodwill-oorlog en wordt ons het voortzettingsbeding tegengeworpen”. Verder kreeg ik te horen dat allen “er op zich wel” samen uit wilden komen, was er een wil tot onderhandelen en wensten zij een snelle oplossing (kerningrediënten om te bepalen of mediation de moeite waard is!). “Wij investeren graag een paar uurtjes in een gesprekje met u”. Die paar uurtjes werden er ongeveer dertig plus. De heren beseften al vrij snel dat mediation niet zomaar gesprekjes zouden zijn die op een druilerige namiddag of zonnige zaterdagochtend in te plannen zijn. Ja, het is vrijwillig. Nee, het is absoluut niet vrijblijvend.
Individuele kennismakingsgesprekken
Bij terugkomst in Nederland begon het doorlopen van mijn formaliteiten en vingen de individuele kennismakingsgesprekken aan. Volgens één van de partijen aan tafel was het de feedback van een cliënt die hem “pas echt deed twijfelen over de capaciteiten” van zijn medevennoot. Terwijl de vennoot in kwestie zich van geen kwaad bewust was. Sterker nog, er bleken ”moverende redenen die ik nog niet kan vertellen”, aldus die vennoot in kwestie in een latere bijeenkomst. De irritatie over weer een andere medevennoot die een vaktechnische casus ”ronduit verprutst heeft” werd weggewoven door zijn medevennoot in de waan van de dag. Er werd ook niet meer naar gevraagd door zijn medevennoten. Ze hadden ook geen directieoverleg of andersoortige onderlinge overleggen.
Achtergrond
Initiatiefnemer van de maatschap was de ooit energieke jonge social-worker, die in de avonduren zijn bul behaalde met voeling voor mensen met afstand tot de arbeidsmarkt. ”Van die Melkert-banen”, zeiden de andere partijen aan tafel. ”Maakt dat dat jullie anders kijken naar de situatie? “, vroeg ik. “Nee, integendeel. Het doet ons pijn die medewerkers nu op te zadelen met mogelijk ontslag als de maatschap stopt” was unaniem te horen.
De vennoten draaiden inmiddels ruim drie jaar een netto jaaromzet van een bedrag met zes nullen. Dat deden zij met vier medewerkers en ”de eigen vier”: de vennoten in een jonge maatschap met ruim 75 jaar fiscaal- en ondernemingsrechtelijke kennis op zak. Keurmerken en certificeringen op de website, op het briefpapier. Een statig kantoorpand met dito wagenpark.
Parallel hieraan zijn allerlei opgestapelde kleine irritaties uitgemond in een hoogoplopend conflict. Met als climax die ene maandag midden februari dat er met deuren gesmeten werd en men verbaal vocaal is uitgevallen tegen elkaar. Het boterde niet (meer). “Werd de maatschap in een opwelling mondeling opgezegd?”, vroeg ik nog. Jein, zouden de Duitsers zeggen: ‘Ja en Nee’.
Tussen het Antarctica-zomeravond gesprek en het deur-dicht-smijt-moment zit ruim zes maanden. In deze zes maanden is de narimpel van het geschil almaar groter geworden: meer ontwijkgedrag, meer disputen en het begint nu ook het personeel op te vallen.
Hoe nu verder
Of partijen het conflict uiteindelijk oplossen lees je in aflevering drie. Kleine tip van de sluier: het doel van samenwerken is volgens Arie Tervoort in zijn boek Het Nederlandse personenvennootschapsrecht ”Het verdelen van het uit de samenwerking voortvloeiende vermogensrechtelijk voordeel”. Lees ook alvast 7A:1655 BW ev.
Daan Breukhoven is zelfstandig MfN-registermediator bij arbeids- en zakelijke conflicten, zowel binnen publieke als private organisaties. Voor (echt)scheidingen, familie-, en omgangsconflicten heeft hij bovendien de extra accreditatie tot familiemediator behaald. Als jurist houdt hij aan tafel zicht op het wettelijk kader. Hij publiceert regelmatig in (vak)literatuur over mediation. Sinds 2013 is hij mediator en nu aangesloten bij Vereniging Fiscale Mediation, het Platform Business Mediation, de Vereniging Mediators Overheid, en de Vereniging Arbeidsmediators Nederland.



Geef een reactie