Ze laat dat weten in antwoord op vragen van Kamelid Patijn (GroenLinks-PvdA) over een artikel in het Financieele Dagblad, dat meldde dat gemeenten vacatures voor opdrachten aanbieden waarbij geïnteresseerden kunnen kiezen om die als gedetacheerde in loondienst te doen of als zzp’er. “Tot nu toe zijn mij geen signalen bekend in hoeverre dit een wijdverspreid fenomeen is”, aldus Paul.
Goed voorbeeld geven
Zulke constructies werken schijnzelfstandigheid niet per se in de hand, vindt ze. “Het is voorstelbaar dat bepaalde werkzaamheden door een zelfstandige of een werknemer kunnen worden uitgevoerd.” Maar als een organisatie een opdracht voor een zelfstandige en een werknemer op exact dezelfde wijze invult, is dat risico er wel. “Het is daarom van belang dat de inhurende organisatie goed beoordeelt welke arbeidsverhouding tot stand komt, hoe die in de praktijk vorm krijgt en hoe die zich over tijd ontwikkelt om schijnzelfstandigheid te voorkomen.”
De overheid moet het goede voorbeeld geven in de aanpak van schijnzelfstandigheid en zorgen voor een snelle afbouw van het aantal (potentieel) schijnzelfstandigen naar nul, uiterlijk per 1 januari 2026, schrijft de demissionaire minister. “Daarbij vindt het kabinet ook dat het onwenselijk is als overheidsorganisaties zzp’ers categorisch zouden uitsluiten van bepaalde opdrachten zonder dat daarvoor aanleiding is.”
Behalve de publiekscampagne ‘ZZP ja of nee’ die tot 21 december loopt, blijven het ministerie en de Belastingdienst ook komend jaar voorlichting geven.
Extra aandacht aan overheid
De Belastingdienst geeft in 2026 extra aandacht aan overheidsorganisaties, aldus Paul. “Goed voorbeeld doet goed volgen. Dit is ook opgenomen in het handhavingsplan arbeidsrelaties 2026 dat binnenkort wordt gepubliceerd op de website van de Belastingdienst.” Daarbij tekent ze aan dat alleen verbeteren van de handhaving niet de oplossing is van het probleem rondom schijnzelfstandigheid. “Daarom heeft het kabinet gekozen voor een aanpak langs drie lijnen waarin naast het verbeteren van de handhaving (lijn 3), een gelijker speelveld tussen contractvormen (lijn 1) en meer duidelijkheid over de vraag wanneer gewerkt wordt als werknemer dan wel als zelfstandige (lijn 2) urgent zijn om stappen op te zetten.”


Valt de Belastingdienst, althans hiervoor, in hun ogen ook onder het begrip Overheidsorganisatie?
Schijnzelfstandigheid bestaat niet. Je bent of zelfstandig of in loondienst.