Dat blijkt uit twee vonnissen van het Gerechtshof Amsterdam. De curatoren hebben de broers inmiddels aansprakelijk gesteld voor het hele boedeltekort in de faillissementen van de Nova Groep, dat is opgelopen tot ruim 18 miljoen euro.
door Misha Hofland
Rabobank verstrekte het Nova-concern in 2023 een financiering van ongeveer 12 miljoen euro. Dat gebeurde volgens de bank, naar nu blijkt, op basis van een vervalst statement van Deloitte met daarin de voorlopige geconsolideerde jaarcijfers van de Nova Groep over de periode 2020 tot en met 2023. Uit onderzoek kwam later volgens Rabobank naar voren dat de cijfers in werkelijkheid helemaal niet door Deloitte zijn opgesteld. Inmiddels loopt er een strafrechtelijk onderzoek naar de twee bestuurders in verband met valsheid in geschrifte, oplichting en faillissementsfraude.
Faillissement
Nova Incasso en enkele daaraan gelieerde bedrijven leken enkele jaren veel succes te hebben met incasso- en legalactiviteiten, maar eind 2024 ging het concern vrij plotseling failliet. De incassoactiviteiten werden al snel overgenomen, maar de afwikkeling van het faillissement bezorgde curatoren mrs. J.J. Reiziger en J. van der Meer daarna al veel werk.
De twee trokken al binnen een paar maanden de (toen nog voorlopige) conclusie dat er sprake was van een zeepbel, blijkt uit hun faillissementsverslagen: “De door de curatoren aangetroffen incasso- en legal praktijk zou op grond van de van het bestuur ontvangen cijfers t/m 2023 omvangrijk moeten zijn. Per eind 2023 zou de Nova Groep ruim € 32,8 mio aan te incasseren vorderingen (moeten) hebben. Ook zou de Nova Groep in rekening courant circa € 6,8 mio van de door haar ingeschakelde deurwaarders tegoed hebben. De curatoren hebben herhaaldelijk om een onderbouwing hiervan gevraagd, maar deze niet gekregen. Uit hetgeen dat wel is overgelegd, bleek dat de activiteiten van de Nova Groep en de daarmee te realiseren omzetten in feite zeer beperkt waren.”
De curatoren zetten vraagtekens bij de wijze waarop de omzet was verantwoord, en constateerden dat de financiële administratie nauwelijks was bijgewerkt. Onbehoorlijk bestuur van de twee incassobroers, concludeerden ze. “De constatering van de curatoren dat de Nova Groep niet beschikt over een bijgewerkte financiële administratie, lijkt überhaupt niet te worden betwist door de (indirecte) bestuurders.” In augustus vorig jaar meldden Reiziger en Van der Meer daarom dat ze de incassobroers aansprakelijk zouden gaan stellen: “Vanwege het uitblijven van een inhoudelijke reactie en in navolging van de brief van 31 maart, hebben de curatoren de (indirecte) bestuurders van de Nova Groep aansprakelijk gesteld voor het hele boedeltekort in de faillissementen van de Nova Groep met een beloop van ruim € 18.0 mio. In reactie daarop hebben de (indirecte) bestuurders laten weten dat zij voorlopig niet meer instaat zijn om de inhoudelijke vragen te beantwoorden, omdat alle administratie in beslag zou zijn genomen door opsporingsambtenaren tijdens een huiszoeking.”
Deloitte en Rabobank
Twee eind vorig jaar gepubliceerde vonnissen van het gerechtshof Amsterdam blijken nu wat meer inzicht te geven in het geruchtmakende faillissement en het daaruit voortvloeiende strafrechtelijke onderzoek. De incassobroers procedeerden namelijk tot bij het hof om toegelaten te worden tot de schuldsaneringsregeling. Tevergeefs, want zowel de rechtbank als het hof oordelen dat de twee behoorlijk de schijn tegen hebben.
Rabobank: langdurig betalingsverzuim
Bij het hof maakte Rabobank ernstig bezwaar tegen toelating van de twee tot de schuldsaneringsregeling. Daarbij voerde de bank aan dat er op 22 maart 2023 een financiering was verstrekt aan de Nova Groep van ongeveer 12 miljoen euro. Maandelijks zou daarvan 203.390 euro plus rente worden afgelost, maar daar kwam volgens Rabobank – ondanks veel aanmaningen – slechts een fractie van binnen: ongeveer 50.000 euro in totaal.
Vanwege het langdurige betalingsverzuim zegde de bank de financieringsovereenkomst op 2 augustus 2024 op en vorderde daarna uit hoofde van die overeenkomst het openstaande bedrag van 12.968.906,50 euro van de Nova Groep. Omdat terugbetaling uitbleef en Rabobank naar eigen zeggen vermoedens van fraude had, vroeg de bank uiteindelijk eind 2024 het faillissement van het incassoconcern aan.
‘Vervalste stukken’
Uit onderzoek was volgens Rabobank gebleken – zo voerde de bank bij het hof aan – dat de twee incassobroers valse informatie hadden verstrekt bij de financieringsaanvraag. Daarbij ging het om vermeende cijfers van Deloitte, blijkt uit de twee vonnissen in hoger beroep:
“Zij wisten dat de financiële situatie van Nova Groep – in het bijzonder de liquiditeitspositie maar ook de voorgespiegelde zekerhedenpositie, omzet en winst – in werkelijkheid vele malen slechter was dan zij Rabobank lieten geloven in het met de bank gedeelde document van Deloitte genaamd ‘Nova Groep 3-statement 2020-2023 Deloitte FINAL.pdf’ (hierna: 3-statement), waarin voorlopige geconsolideerde jaarcijfers van Nova Groep over de periode 2020 tot en met 2023 zijn opgenomen. In dit verband hebben de curatoren in hun 2e faillissementsverslag van 6 mei 2025 onder meer geschreven ”De door de curatoren aangetroffen incasso- en legal praktijk zou op grond van de van het bestuur ontvangen cijfers t/m 2023 omvangrijk moeten zijn. Per eind 2023 zou de Nova Groep ruim € 32,8 mio aan te incasseren vorderingen (moeten) hebben. Ook zou de Nova Groep in rekening courant circa € 6,8 mio van de door haar ingeschakelde deurwaarders tegoed hebben. De curatoren hebben herhaaldelijk om een onderbouwing hiervan gevraagd, maar deze niet gekregen. Uit hetgeen (…) wel is overgelegd, bleek dat de activiteiten van de Nova Groep en de daarmee te realiseren omzetten in feite zeer beperkt waren. De voorlopige conclusie is daarom dat de door het bestuur verstrekte cijfers niet of onvoldoende aansluiten bij de werkelijkheid.” Uit onderzoek is tevens gebleken dat het 3-statement in werkelijkheid niet is opgesteld door Deloitte, maar dat dit document door manipulatie tot stand is gekomen waarbij het logo van Deloitte is gebruikt.”
Strafrechtelijk onderzoek
Dat was dan ook de aanleiding voor het strafrechtelijk onderzoek dat het OM mei vorig jaar aankondigde, blijkt uit de hofuitspraken:
“Ter zake van het handelen van [appellant] en zijn broer hebben Rabobank, Deloitte en de curatoren strafrechtelijke aangifte gedaan en heeft het Openbaar Ministerie op 5 juni 2025 op grond van artikel 94a van het Wetboek van Strafvordering beslag gelegd op onroerende zaken van [appellant] en zijn broer. Volgens Rabobank heeft [appellant] samen met zijn broer de bank opzettelijk misleid om financiering voor de Nova Groep te verkrijgen. Dit levert een onrechtmatige daad op van [appellant] jegens Rabobank. Omdat [appellant] en zijn broer een persoonlijk ernstig verwijt kan worden gemaakt van dit onrechtmatig handelen, heeft Rabobank op ieder van hen een vordering van € 12.698.906,50 te vermeerderen met rente en kosten. Ter zake van deze vordering heeft Rabobank inmiddels een bodemprocedure aanhangig gemaakt, aldus steeds Rabobank.”
Afwijzing schuldsaneringstraject
In dat licht bezien vindt het hof de afwijzing van de toelating van de broers tot de schuldsaneringsregeling terecht. De twee betwistten weliswaar dat ze bij de financieringsaanvraag onrechtmatig handelden jegens Rabobank, en stelden dat er op die grond dan ook geen vordering bestaat. Maar tegenover de – volgens het hof – ‘deugdelijke’ onderbouwing van de vordering van de bank stelden ze onvoldoende feiten en omstandigheden op grond waarvan zou moeten worden geoordeeld dat Rabobank geen vordering op hen persoonlijk heeft.
Daarbij gaat het hof ook in op de vermeende rol van Deloitte: “De stelling van [appellant] dat het 3-statement wel van Deloitte afkomstig is, althans dat Deloitte haar rol bij de verstrekking van de financiering aan Nova Groep beperkter doet voorkomen dan in werkelijkheid het geval is geweest, is bij gebreke van schriftelijke stukken, onvoldoende onderbouwd. Dit betekent dat bij de beoordeling van het onderhavige verzoek van [appellant] de door Rabobank gestelde vordering in aanmerking moet worden genomen. De omstandigheid dat deze vordering nog niet in rechte is vastgesteld en dat van een strafrechtelijke veroordeling ter zake van de door Rabobank beweerde fraude (nog) niet is gebleken, doet hier niet aan af.”
Van toelating tot de schuldsaneringsregeling kan wat het hof betreft dan ook geen sprake zijn: “Tegen de achtergrond van de door Rabobank aangevoerde feiten en omstandigheden, heeft [appellant] onvoldoende aannemelijk gemaakt dat hij ten aanzien van het ontstaan of onbetaald laten van de schuld aan Rabobank te goeder trouw is geweest. Dit staat op dit moment aan zijn toelating tot de schuldsaneringsregeling in de weg.”
Gerechtshof Amsterdam, ECLI:NL:GHAMS:2025:3580 & ECLI:NL:GHAMS:2025:3581


Dus eerst lopen deze figuren aan alle kanten geld te innen, de kluit te belazeren en bedrijven te duperen en als het dan fout gaat willen ze in de Schuldsanering zodat ze na drie jaar weer schuldenvrij zijn en de betreffende bedrijven verder naar hun geld kunnen fluiten? Je moet het gore lef maar hebben! Lekker lang opsluiten die twee!