De stijging volgt op een periode waarin het aantal flexwerknemers juist afnam. In 2024 en in de eerste helft van 2025 daalde het aantal flexwerknemers nog elk kwartaal ten opzichte van een jaar eerder. Sinds het derde kwartaal van 2025 is dat beeld gekanteld.
Ook het aantal werknemers met een vast dienstverband nam in het eerste kwartaal toe, met 60.000 ten opzichte van een jaar eerder. Die groei was wel kleiner dan in eerdere kwartalen. Het aantal zelfstandigen daalde juist opnieuw. Bijna 1,5 miljoen mensen werkten als zelfstandige, 88.000 minder dan een jaar eerder. De afname was het sterkst onder zzp’ers. Volgens het CBS is het aantal zelfstandigen inmiddels vijf kwartalen op rij gedaald.
In totaal hadden ruim 9,8 miljoen mensen betaald werk, 35.000 meer dan een jaar eerder. De groei van het aantal werkenden vlakt volgens het statistiekbureau al twee jaar af. In mei daalde het aantal werkenden.
Vooral meer oproepkrachten
De toename van het aantal flexwerknemers komt vooral door de groei van het aantal oproep- en invalkrachten en werknemers met een tijdelijk dienstverband zonder uitzicht op een vaste baan. Daar staat tegenover dat het aantal uitzendkrachten en werknemers met een tijdelijk contract mét uitzicht op vast werk afnam.
In het eerste kwartaal werkten ruim een miljoen mensen als oproep- of invalkracht, tegen 956.000 een jaar eerder. Ook het aantal werknemers met een tijdelijk contract van een jaar of langer nam toe, van 369.000 naar 399.000. Het aantal werknemers met een tijdelijk contract korter dan een jaar steeg van 266.000 naar 283.000. Het aantal uitzendkrachten daalde van 345.000 naar 331.000.
Kwart oproepkrachten is 25 jaar of ouder
Hoewel oproepwerk vooral door jongeren wordt gedaan, is ruim een kwart van de oproep- en invalkrachten 25 jaar of ouder. In het eerste kwartaal van 2026 ging het om 130.000 werknemers van 25 tot 45 jaar en 145.000 werknemers van 45 tot 75 jaar. Vergeleken met een jaar eerder nam het aantal oproep- en invalkrachten in alle leeftijdsgroepen toe, maar de stijging was volgens het CBS het sterkst onder 25-plussers.
De cijfers verschijnen op een moment dat het wetsvoorstel Meer zekerheid flexwerkers bij de Eerste Kamer ligt. De Tweede Kamer nam het voorstel op 12 mei 2026 aan. Als ook de Eerste Kamer instemt, kan het wetsvoorstel op z’n vroegst en gedeeltelijk per 1 januari 2027 in werking treden. Nulurencontracten worden dan vervangen door bandbreedtecontracten, waarin vooraf een minimum- en maximumaantal uren wordt afgesproken. Voor jongeren, scholieren en studenten met een bijbaan en AOW-gerechtigden blijven uitzonderingen bestaan.


Geef een reactie