Aanleiding voor de brief is een door de Tweede Kamer aangenomen motie van Kamerlid Dassen. Daarin wordt de regering verzocht opties uit te werken waarbij de voorgenomen belastingverhoging uit het coalitieakkoord, de zogenoemde vrijheidsbijdrage, kan worden verminderd door het afschaffen of versoberen van ondoelmatige en ondoeltreffende fiscale regelingen. De vrijheidsbijdrage is bedoeld als dekking voor de hogere defensie-uitgaven die het kabinet heeft afgesproken.
55 regelingen negatief beoordeeld
Volgens de staatssecretaris zijn inmiddels 55 van de 124 geëvalueerde fiscale regelingen op ten minste één onderdeel negatief beoordeeld. Het gaat om regelingen die volgens evaluaties niet doeltreffend zijn, niet doelmatig zijn of te complex zijn voor belastingplichtigen en uitvoerders. Samen vertegenwoordigen deze regelingen een budgettair belang van ongeveer €90 miljard.

In de bijlage bij de brief staat een overzicht van deze regelingen. Daarin zijn onder meer de hypotheekrenteaftrek, het eigenwoningforfait, de zelfstandigenaftrek, de bedrijfsopvolgingsfaciliteit, het lage Vpb-tarief, diverse btw-verlaagde tarieven en verschillende energiebelastingregelingen opgenomen. De regelingen zijn als negatief beoordeeld op ten minste één van de criteria doeltreffendheid, doelmatigheid, uitvoerbaarheid, doenlijkheid of de rechtvaardiging voor overheidsingrijpen.
Vereenvoudiging als eerste invalshoek
Eerenberg schetst twee benaderingen voor het herzien van negatief beoordeelde regelingen. De eerste is vereenvoudiging van het belastingstelsel. Volgens hem is het huidige stelsel door het grote aantal fiscale regelingen “niet gemakkelijk te begrijpen en moeilijk uit te voeren”. De regelingen zorgen volgens de staatssecretaris voor “allerlei uitzonderingen, en weer uitzonderingen op uitzonderingen”.
Het kabinet heeft al enkele voorstellen gedaan die in deze lijn passen. Zo ligt er een voorstel om de aftrek voor specifieke zorgkosten af te schaffen, mede vanwege veel niet- of foutief gebruik. Ook wil het kabinet de startersaftrek beëindigen. Daarnaast wordt voorgesteld om de negatief geëvalueerde gerichte vrijstelling voor korting op branche-eigen producten in de werkkostenregeling en het verlaagde btw-tarief voor sierteelt af te schaffen. Verder worden de EIA, MIA en Vamil waar mogelijk samengevoegd tot één investeringsregeling.
Koppeling aan beleidsopgaven
De tweede invalshoek is om vrijvallende middelen binnen hetzelfde beleidsdomein opnieuw in te zetten. Volgens Eerenberg kan bij aanpassing van negatief beoordeelde regelingen worden overwogen om “(een deel van) de vrijgekomen middelen in te zetten binnen hetzelfde beleidsdomein”. Op die manier kan volgens hem “samenhangend beleid worden gemaakt”.
In dat verband verwijst de staatssecretaris naar de vrijheidsbijdrage uit het coalitieakkoord, die bedoeld is als dekking voor hogere defensie-uitgaven. Voor burgers wordt die bijdrage vormgegeven via een beperkte toepassing van de tabelcorrectiefactor. Voor bedrijven is een verhoging van de premie voor het Arbeidsongeschiktheidsfonds (Aof) voorzien. Over de uiteindelijke invulling voor bedrijven wordt nog gesproken met werkgeversorganisaties.
Besluitvorming in augustus
Het kabinet zal de verschillende beleidsopties betrekken bij de augustusbesluitvorming. De uitkomsten daarvan worden op Prinsjesdag bekendgemaakt in de Miljoenennota.
Eerenberg benadrukt dat het kabinet ook daarna wil blijven kijken naar mogelijkheden om fiscale regelingen aan te passen die “bovenmatig ingewikkeld zijn of niet op een efficiënte manier bereiken wat ze beleidsmatig beogen”. Daarbij wijst hij erop dat de begrotingsregels voorschrijven dat bij negatief geëvalueerde fiscale regelingen het uitgangspunt is om deze “aan te passen, om te vormen of af te schaffen”.
Kamerbrief over invalshoeken negatief beoordeelde fiscale regelingen


Geef een reactie