Mkb-bedrijven zien nog niet veel in de fraude- en continuïteitsrapportage die de NBA vanaf boekjaar 2021 geleidelijk wil gaan verplichten in de controleverklaring. Dat blijkt uit een eerder dit jaar gehouden pilot. Het management van het mkb vreest verwarring.
De NBA wil verplicht rapporteren over fraude voor oob-accountantsorganisaties invoeren vanaf boekjaar 2021. Voor niet-oob-accountantsorganisaties wordt frauderapportage vanaf boekjaar 2022 verplicht en dan moeten zowel oob- als niet-oob-kantoren ook over continuïteit rapporteren. Dit jaar is een proef gehouden om ervaring op te doen. Aan de pilot hebben 23 accountantsorganisaties, waaronder de oob-accountantsorganisaties, meegedaan. Ze hebben 65 controleverklaringen opgesteld met daarin passages over fraude en/of continuïteit. De werkgroep heeft in deze verklaringen 47 passages over continuïteit en 51 passages over fraude aangetroffen en geanalyseerd. De uitkomsten daarvan zijn naast het consultatiedocument gelegd en worden gebruikt voor het opstellen van template- en voorbeeldverklaringen. De uitkomsten van de pilot gebruikt de werkgroep ook om het proefdraaien 2021 verder vorm te geven.
Extra transparantie positief beoordeeld
De NBA hield ook een enquête onder de 272 accountantsorganisaties met een Wta-vergunning. Daarop reageerden er 89. Volgens de NBA wordt de extra transparantie over de werkzaamheden op het gebied van fraude en continuïteit door accountants en besturen van de controleklanten als positief ervaren. ‘Er is grote behoefte aan voorbeelduitwerkingen en ondersteuning, zowel voor accountants als voor stakeholders (opstellers, raad van commissarissen). Door de timing in het voorjaar/drukste seizoen en het free format-karakter is de pilot als een uitdaging ervaren.’
In de meeste controleverklaringen is zowel het onderdeel fraude als het onderdeel continuïteit opgenomen. ‘Niet alle verklaringen zijn definitief uitgebracht, omdat de controle nog niet was afgerond. Enkele organisaties hebben de verklaringen bij wijze van schaduwverklaring opgesteld.’ Veel kantoren deden niet mee aan de pilot omdat die werd gehouden in het drukke voorjaarseizoen. ‘Ook werd het ontbreken van voorbeelduitwerkingen als reden genoemd om niet mee te doen. Vanuit het mkb-segment werd aanvullend benadrukt dat meer tijd nodig was om deze verandering uit te leggen aan klanten.’
Betere discussie met klanten
Het meedoen aan de pilot heeft tot meer en betere discussie in de teams en met klanten geleid, waardoor betere afwegingen in het controleproces zijn gemaakt, zo blijkt. ‘Ook is opgemerkt dat het daadwerkelijk verantwoording afleggen in de controleverklaring over fraude- en continuïteitsrisico’s en de daarop gebaseerde controlewerkzaamheden ertoe hebben geleid dat risico’s, werkzaamheden en controledocumentatie op deze onderwerpen nadrukkelijker zijn geëvalueerd.’ Bij iets minder dan de helft van de aan de pilot deelnemende respondenten zijn aanvullende kwaliteitswaarborgen ingebouwd voor het opstellen van de controleverklaring, inclusief teksten over fraude en/of continuïteit.
‘Afwijkende verklaring’ niet wenselijk
Bestuur en toezichthouders van klanten begrijpen over het algemeen de toegevoegde waarde van de aanvullende rapportering, aldus de NBA, ook al was de reactie in eerste instantie wat meer terughoudend. ‘In het mkb zag het bestuur de toegevoegde waarde van de aanvullende rapportering niet. De in de pilot betrokken controlecliënten vinden het niet wenselijk dat zij een ‘afwijkende verklaring’ aan bijvoorbeeld externe financiers of de Belastingdienst moeten verstrekken. Het risico bestaat dat de uitgebreidere rapportage extra aandacht trekt of tot verwarring leidt. Specifiek gaat het dan om situaties dat er niets aan de hand is, maar er wel extra passages over fraude en continuïteit in de controleverklaring staan. Dit wordt vooral als aandachtspunt gezien als de gebruikerskring beperkt is.’
Accountants zelf vinden het niet gewenst dat zij meer gaan rapporteren dan de klanten zelf. ‘Het is de verantwoordelijk van een organisatie zelf om transparant te zijn over hoe zij frauderisico’s en de continuïteit inschatten. Het is aan de accountant om vast te stellen of de verantwoording hierover klopt. Dan is het bijzonder dat accountants meer gaan rapporteren dan de organisaties zelf. Daar zou meer evenwicht in moeten worden aangebracht. Door de accountantsorganisaties is een oproep gedaan voor aanvullende regelgeving voor de opstellers van jaarstukken.’
Aansprakelijkheidsrisico’s onderzoeken
Een aantal deelnemers raadt de NBA aan onderzoek te doen naar mogelijke aansprakelijkheids- en privacyrisico’s bij kleinere controlecliënten, in verband met mogelijke herleidbaarheid naar medewerkers in kleine organisaties. ‘Dit speelt vooral als het gaat om (aanwijzingen van) fraude die in de verklaring zou(den) worden opgenomen en herleidbaar zijn. Bij continuïteitsrisico’s speelt dit minder.’ Wat de deelnemende kantoren betreft communiceert de NBA de communicatie met stakeholders en klanten om het doel van de extra rapportering uit te leggen en duidelijk te maken dat het van toepassing is op alle controleklanten.
De continuïteitsparagrafen zijn in te delen in vier categorieën, aldus de NBA. In 83% van de toegestuurde verklaringen over verslagjaar 2020 is geen sprake van continuïteitsonzekerheden (situatie 1). Een aantal verklaringen benoemt continuïteitsrisico’s, maar geen materiële onzekerheid (situatie 2). Een aantal heeft wel een materiële onzekerheid (situatie 3) en in één geval was sprake van discontinuïteit met waardering op liquiditeitswaarde (situatie 4).


Geef een reactie