Marketingbureau Only neemt in 2022 branchegenoot Dart over. Met de verkopende eigenaar wordt een earn-outregeling overeengekomen: een deel van de koopprijs is afhankelijk van de EBITDA 2022 en 2023 van dochterbedrijf Dart Holding. In artikel 4.11 van de koopovereenkomst wordt afgesproken dat bij onenigheid over de cijfers van die jaren een deskundige wordt aangewezen door beide partijen of door de NBA.
Geen medewerking
Er volgt in 2024 een geschil over de berekening van de EBITDA over 2022 en 2023. De verkoper stelt voor om direct bij de NBA te vragen om een accountant als deskundige te benoemen. Maar Only vindt dat “weinig opportuun”.
Desondanks vraagt de verkoper aan de NBA om een onafhankelijke deskundige voor te stellen. “De NBA kan niet formeel overgaan tot het aanwijzen of benoemen van een accountant. Wel kan de NBA u in contact brengen met een accountant die heeft aangegeven als bindend adviseur of deskundige te willen optreden. Echter alleen als alle betrokken partijen hiermee instemmen. Partijen benoemen de accountant vervolgens zelf”, zo laat de NBA weten.
Een verzoek wordt alleen gedaan als alle betrokken partijen instemmen met de procedure. De NBA legt dan het onderwerp van het geschil voor, zonder de namen van partijen te noemen. Is de accountant geïnteresseerd, dan wordt diens naam doorgegeven aan de partijen en worden tussen de betrokkenen nadere afspraken gemaakt.
Juridische discussie?
Only wil echter niet meewerken aan het voordragen van een deskundige door de NBA. De verkoper probeert dat via de rechter alsnog voor elkaar te krijgen. In de koopovereenkomst is die procedure immers opgenomen.
Dat ziet Only anders: de discussie gaat niet over de berekening van de EBITDA, maar over de wijze waarop de EBITDA-berekening moet worden opgesteld. Dat is een juridische discussie en gaat specifiek over de uitleg van de vraag of het kostenpatroon in lijn ligt met 2021, zoals is overeengekomen. Omdat het geen discussie is over de berekening zelf, kan die niet worden voorgelegd aan een accountant. Verder is nooit inhoudelijk gesproken over het meningsverschil.
Gepasseerd station
De rechter stelt vast dat Only een conceptberekening heeft gemaakt en dat de verkoper daar bezwaren tegen heeft. Er is in elk geval schriftelijk over de conceptberekening gecorrespondeerd en er hebben twee overleggen plaatsgevonden, dus er is wel sprake geweest van een inhoudelijke discussie. “Het staat partijen natuurlijk altijd vrij om nogmaals met elkaar in gesprek te gaan, maar partijen zijn er tot nu toe niet uit gekomen, daarom lijkt een nieuwe gesprek hierover een gepasseerd station.”
Het argument dat er sprake is van een juridische kwestie, gaat niet op. “[De verkoper] heeft er terecht op gewezen dat partijen juist voor het benoemen van een accountant hebben gekozen omdat een accountant gebonden is aan zijn eigen beroepsregels en op die manier voldoende is gewaarborgd dat de accountant zelf nagaat of hij in staat is om de aan hem voorgelegde vragen te beantwoorden. Bovendien is in artikel 4.11 van de koopovereenkomst ook opgenomen dat de deskundige zich moet houden aan de richtlijnen voor gerechtelijke deskundigen.”
Niet meer steggelen over deskundigheid of tarief
Only moet dus meewerken aan de benoeming van een deskundige/accountant en moet de NBA laten weten dat zij instemt met de voordracht van een accountant, op straffe van een dwangsom van € 5.000 per dag. De rechter voegt daaraan toe dat er dan verder geen discussie moet zijn over de deskundigheid of het uurtarief van de accountant. “Partijen dienen zich hierbij neer te leggen omdat dit ook aansluit bij de bedoeling van artikel 4.11 van de koopovereenkomst. Op grond van dit artikel zou er namelijk voor partijen weinig ruimte zijn bij de benoeming van een deskundige, omdat zij voor ogen hadden in 4.11 dat de NBA de deskundige zelf zou benoemen en zij hierop geen invloed zouden hebben.”


Geef een reactie