De kwestie is niet alleen zakelijk maar heeft ook een sterke privécomponent. Klaagster en haar ex-echtgenoot waren tot eind 2023 samen bestuurder en aandeelhouder van een holding met vastgoedactiviteiten. Tussen de betrokken partijen bestonden bovendien financiële banden: via een vennootschap van de moeder van de man was een lening verstrekt aan een dochtermaatschappij van de holding. Zowel de ex-echtgenoot als zijn moeder waren cliënt bij hetzelfde accountantskantoor.
Verwijten
De klacht werd ingediend door de ex-vrouw en haar holdingvennootschap (‘de klaagsters’). Zij verweten een betrokken AA dat hij, samen met een fiscalist van hetzelfde kantoor, structureel partijdig zou hebben gehandeld en conflicterende belangen zou hebben bediend. Volgens klaagsters was sprake van “rolvervaging en verwevenheid” die het vertrouwen in de beroepsgroep had geschaad. Haar klacht bestond uit vier onderdelen: ernstige belangenverstrengeling, roloverschrijding en onbevoegde juridische bemoeienis, ongeoorloofde inmenging in de belastingpositie van klaagster en doelgerichte partijdigheid met gebruik van drukmiddelen.
Rol fiscalist
Daarbij zou de accountant, als partner en eindverantwoordelijke, ook tuchtrechtelijk aansprakelijk zijn voor het handelen van een fiscalist binnen hetzelfde kantoor. Dat laatste werd door de echter betwist. Hij stelde dat veel van de (hem) verweten handelingen waren verricht door de fiscalist, die onder een eigen tuchtrechtelijk regime valt. De AA vond dat hemzelf tuchtrechtelijk niets te verwijten viel.
Oordeel tuchtrechter
De Accountantskamer volgt nu dat verweer. In de uitspraak benadrukt de tuchtrechter dat een accountant in beginsel alleen tuchtrechtelijk verantwoordelijk is voor zijn eigen handelen of nalaten. Slechts in uitzonderlijke gevallen kan een accountant ook worden aangesproken voor het handelen van een ander, bijvoorbeeld als hij vaktechnisch eindverantwoordelijk is voor die werkzaamheden. Daarvan was hier geen sprake.
Eigen tuchtrecht
De fiscalist behoort tot een andere beroepsgroep en valt onder het tuchtrecht van de Vereniging Register Belastingadviseurs. Dat de accountant in cc was meegenomen in e-mails of aanwezig was bij zittingen, is volgens de Accountantskamer onvoldoende om te concluderen dat hij zelf tuchtrechtelijk verantwoordelijk is voor het handelen van de fiscalist.
VGBA van toepassing
De Accountantskamer stelt wel vast dat de accountant in dit dossier een professionele dienst als accountant verrichtte. Omdat zijn werkzaamheden mede betrekking hadden op de financiële afwikkeling van de echtscheiding, had hij zijn vakbekwaamheid als accountant aangewend of kunnen aanwenden. Daarmee waren alle fundamentele beginselen van de VGBA van toepassing.
Geen schending
Dat leidde echter niet tot een gegrondverklaring. Volgens de Accountantskamer hebben klaagsters onvoldoende concreet onderbouwd dat de accountant zelf werkzaamheden heeft verricht die duiden op belangenverstrengeling, partijdigheid of schending van objectiviteit. Ook is niet aannemelijk gemaakt dat hij zich ongepast heeft laten beïnvloeden of heeft nagelaten passende waarborgen te treffen.
Klacht ongegrond
Alle klachtonderdelen werden ongegrond verklaard. Tegen de uitspraak staat nog hoger beroep open bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven. Waar het eerder vooral om de ernst van de verwijten en de mogelijke gevolgen voor de beroepsuitoefening ging, brengt deze uitspraak nu een duidelijke begrenzing aan: zonder aantoonbaar eigen handelen geen tuchtrechtelijk verwijt.
Lees hier de uitspraak.


Geef een reactie