De tuchtklacht tegen de (inmiddels) oud-notaris was ingediend door de autoriteit voor financieel-juridisch toezicht BFT. De klacht ging over het vestigen van hypotheekrechten op investeringen in zogeheten ‘warme gronden’: landbouwgrond die een grote kans maakt om als bouwgrond aangewezen te worden door de gemeente en daardoor sterk in waarde kan stijgen. “Een populaire maar risicovolle belegging”, aldus het BFT. “Particulieren investeren geld in kleine stukjes landbouwgrond in de hoop er goed mee te verdienen als die grond wijzigt van bestemming. De investering kent een groot risico: de grond blijkt toch niet zo ‘warm’ te zijn als de verkoper werd voorgespiegeld en de gemeente wijzigt het bestemmingsplan niet. Daardoor blijven beleggers zitten met een stukje grond wat veel minder waard is dan ze ervoor hebben betaald. Bovendien is met de versnipperde grond weinig te beginnen, aangezien het veel verschillende eigenaren heeft.”
Van bungalowpark naar luxe resort
In de zaak waren diverse dossiers betrokken van particulieren die de notaris hadden ingeschakeld om hypotheken te laten passeren. De klanten investeerden in een uitbreiding van het Friese bungalowpark Schatzenburg, dat zou worden omgedoopt tot het luxere Resort Waadhoekerhout. In 2018 tekende de eigenaar van het bungalowpark een intentieverklaring met de gemeente om het park uit te breiden. Daartoe is het achterland van het park aangekocht, dat in handen is beland van twee grote zakelijke investeerders.
Diverse particulieren zien een kans in die verondersteld ‘warme gronden’ en lenen geld om kavels op het achterland aan te kopen. De hypotheekakten worden opgesteld door de oud-notaris, die ook het passeren verzorgt. Ze merkt op dat er regelmatig al geld is overgemaakt voordat het notariskantoor bij de zaak wordt betrokken.
Stekker eruit
Maar het bestemmingsplan is ondanks de overeenkomst met de gemeente al die tijd niet gewijzigd. En in november 2022 bericht de Leeuwarder Courant over de investeerder achter de gronden, die wordt verdacht van faillissementsfraude. De gemeente blijft aarzelen en trekt een jaar later de stekker uit het plan.
De inmiddels gestopte notaris krijgt een tuchtklacht aan de broek van het BFT: ze is onzorgvuldig geweest door onvoldoende onderzoek te doen naar onder meer de waarde van onderliggende percelen grond, de achtergrond van partijen en de kennis en ervaring van haar cliënten. Ze heeft ook onvoldoende geïnformeerd over de gevolgen en risico’s van de transacties, is de klacht.
Vastlegging schoot tekort, onderzoeksplicht niet geschonden
De notaris vindt zelf ook dat de vastlegging in de dossiers niet optimaal was. De Kamer voor het notariaat oordeelt daarom dat dit onderdeel van de klacht gegrond is: de notaris had beter moeten documenteren dat zij volgens de geldende verplichtingen handelde. “Dat de oud-notaris onvoldoende aan vastlegging heeft gedaan zegt echter niets over de wijze waarop zij haar akten heeft gepasseerd, noch over de wijze waarop zij haar cliënten heeft geïnformeerd en of zij al dan niet heeft voldaan aan haar Belehrungsplicht. Gelet op de toelichting van de oud-notaris op de mondelinge behandeling bij de kamer en de bekendheid van de investeerders met de situatie van het [park], acht de kamer het aannemelijk dat de oud-notaris heeft voldaan aan haar onderzoeksplicht, informatieplicht en daarmee ook aan haar opschortings- en weigeringsplicht.”
Geen hoger beroep
De rest van de klacht wordt ongegrond verklaard. “BFT ziet, gelet op de motivering van de uitspraak en het beperkte gegronde deel van de klacht, af van hoger beroep.”
De notariskamer oordeelde eerder al over de betrokkenheid van notarissen bij het speculeren met landbouwgrond. Zo werd in 2022 al eens geoordeeld dat een notaris voldoende had gewaarschuwd voor de risico’s.


Geef een reactie