Dat blijkt uit een Kamerbrief van staatssecretaris Eelco Eerenberg. De keuze voor een nieuw systeem van het Amerikaanse bedrijf Fast Enterprises leidt tot politieke en maatschappelijke discussie over digitale autonomie en afhankelijkheid van buitenlandse technologie.
Modernisering kan niet langer wachten
De Belastingdienst, die laatst ook al in opspraak kwam vanwege het doorzetten van de migratie naar Microsoft 365 ondanks kritiek, werkt al jaren aan de vervanging van het huidige btw-systeem, dat inmiddels zo’n veertig jaar oud is. Volgens de staatssecretaris brengt het voortzetten van dit systeem grote risico’s met zich mee. ‘Storingen liggen op de loer, specialistische kennis verdwijnt en aanpassingen aan nieuwe wetgeving zijn nauwelijks nog mogelijk’, aldus de staatssecretaris.
Die beperkingen raken niet alleen de uitvoering van nationaal beleid, maar ook Europese verplichtingen, zoals de invoering van nieuwe btw-regels. Verdere vertraging van de modernisering wordt daarom volgens Eerenberg als onwenselijk gezien, onder meer vanwege herhaalde waarschuwingen van de Algemene Rekenkamer.
Keuze voor marktpartij
Na onderzoek en adviestrajecten koos de Belastingdienst voor een zogeheten pakketoplossing uit de markt, in plaats van zelfbouw. Die zou sneller en goedkoper te realiseren zijn. Na een Europese aanbesteding werd de opdracht in 2025 gegund aan Fast Enterprises.
Andere landen, zoals Finland en Denemarken, maken inmiddels ook gebruik van vergelijkbare oplossingen. Toch is de keuze voor een Amerikaanse leverancier gevoeliger geworden door geopolitieke ontwikkelingen en de groeiende aandacht voor digitale soevereiniteit.
Bovendien deden enkele Europese en Nederlandse partijen mee aan de aanbesteding zoals SAP en Cap Gemini, de keuze voor Fast Enterprises leidde dan ook tot gefronste wenkbrauwen. Ook leeft de angst dat Amerikanen hiermee inzage kunnen krijgen in gevoelige informatie en het systeem zelfs plat kunnen leggen. Amerikaanse wetgeving, zoals de CLOUD Act, kan namelijk onder omstandigheden toegang tot gegevens afdwingen, ook als deze in Europa zijn opgeslagen. De vrees hiervoor werd bevestigd door juristen, zo meldde de Volkskrant eerder.
Zorgen over data en continuïteit
De Belastingdienst erkent deze risico’s ook en treft maatregelen om die te beperken. Eerenberg legt in de brief uit dat het systeem fysiek in Nederland wordt geplaatst, medewerkers van de leverancier moeten onder toezicht werken en er wordt geen beheer op afstand toegestaan. Ook wordt onderzocht of het beheer op termijn volledig in eigen hand kan worden genomen.
Daarnaast wordt gewerkt met een uitgebreide escrow-regeling, waarbij broncode en documentatie bij een onafhankelijke derde partij worden ondergebracht. Dit moet de continuïteit waarborgen als de leverancier uitvalt.
Balanceren tussen autonomie en praktijk
De discussie rond het nieuwe systeem raakt aan een breder vraagstuk: de afhankelijkheid van Amerikaanse technologie. Volgens de staatssecretaris is die afhankelijkheid op dit moment echter onvermijdelijk, omdat ook bestaande infrastructuur grotendeels op Amerikaanse producten draait en omdat het contract met Fast Enterprises al is getekend. Het stopzetten zou juridische en financiële gevolgen kunnen hebben.
Het kabinet wil die afhankelijkheid op termijn verminderen, maar benadrukt dat dit een langdurig traject is dat niet los kan worden gezien van de urgentie om verouderde systemen te vervangen.
Het nieuwe btw-systeem wordt stapsgewijs ingevoerd. De eerste toepassing, de teruggaaf van btw aan buitenlandse ondernemers, staat gepland voor juli 2026. Tot die tijd blijft het huidige systeem in gebruik.


Geef een reactie