Het kabinet gaf vorig jaar september aan dat zij de regeldruk voor ondernemers wilde verminderen door in totaal 500 regels te schrappen of te vereenvoudigen. Dat heeft de voormalige EZ-minister Karremans destijds toegezegd. Het zou gaan om onder meer verplichtingen rond de AVG, werkgebonden personenmobiliteit en CBS-uitvragen.
Een achterliggende reden was om administratieve lasten, die de afgelopen jaren met 731 miljoen euro waren gestegen, te verlagen. Ook zou het schrappen van regels het verslechterde Nederlandse vestigingsklimaat moeten verbeteren.
315 regels in beeld, nog altijd hoge regeldruk
Momenteel zijn 315 regels concreet in beeld, waarvan er 78 daadwerkelijk zijn aangepast. De overige maatregelen zijn nog in voorbereiding of uitvoering. Dat er nog minimaal 237 regels moeten worden opgepakt heeft tot Kamervragen geleid van VVD-Kamerlid Silvio Kisteman aan minister Heleen Herbert van Economische Zaken en Klimaat.
Zij erkent in haar beantwoording, die vandaag is gepubliceerd, dat ondernemers nog altijd te maken hebben met onnodige regeldruk. Maar geeft ook als verklaring dat het aanpassen of schrappen van regelgeving niet over één nacht ijs gaat. Dit vraagt namelijk om hetzelfde wetgevingstraject als het invoeren van andere nieuwe regels en dat proces duurt vaak één tot twee jaar, waardoor niet direct een duidelijk merkbare verlichting kan worden gevoeld, zo verklaart zij.
Productiviteit mkb onder druk
In de Kamervragen werd ook de link gelegd met de achterblijvende productiviteit van het mkb. De minister noemt dat zorgelijk en erkent dat minder regeldruk kan bijdragen aan hogere productiviteit, doordat ondernemers meer ruimte krijgen voor vakmanschap, innovatie en groei. Ze benadrukt daarbij wel dat regeldrukvermindering slechts een deel van de oplossing is.
Vasthouden aan doelstelling
Minister Herbert laat verder weten dat zij niet kan garanderen dat het doorvoeren van 500 regels daadwerkelijk wordt gehaald. Wel benadrukt ze dat ze ‘grote waarde hecht aan het vasthouden van de doelstelling’. Ook zou het kabinet hard aan die doelstelling werken en is er volgens haar al substantiële voortgang geboekt. Wel zegt ze dat ‘het structureel verminderen van onnodige regeldruk niet eenvoudig is, omdat de regelgeving die we hebben een ingewikkeld bouwwerk is geworden’.
De minister zal de Kamer in juli 2026 informeren over de tussenstand.
Beeld: Martijn Beekman / Rijksoverheid


Geef een reactie