Belastingexperts spreken tegenover de site van agressieve winstverschuiving.
In het in 2025 gepubliceerde tax transparency report meldt Ahold Delhaize dat het omgerekend 109 miljoen euro vennootschapsbelasting betaalde in het Zwitserse kanton Genève. Dat bedrag ligt opvallend dicht bij de belastingafdracht in de Verenigde Staten, de grootste markt van het concern met meer dan tweeduizend winkels. In Nederland, waar Albert Heijn het zwaartepunt vormt, betaalde het concern 137 miljoen euro belasting. In België bleef de afdracht steken op 19 miljoen euro.
De verklaring lijkt te liggen in een netwerk van Zwitserse groepsvennootschappen waarin financiering, intellectueel eigendom en verzekeringsactiviteiten zijn ondergebracht. In Genève is onder meer Ahold Delhaize Finance Company gevestigd, een interne financieringsmaatschappij die leningen verstrekt aan groepsmaatschappijen elders in de wereld. Daarnaast beheert Ahold Delhaize Licensing Sarl honderden merknamen, logo’s en octrooien van het concern, variërend van Amerikaanse supermarktformules tot Europese huismerken en technologiepatenten.
Lage winstbelasting
Dat soort structuren zijn fiscaal aantrekkelijk omdat royalty’s, rente en licentievergoedingen relatief eenvoudig kunnen worden verschoven naar jurisdicties met een lager belastingtarief. Zwitserland kent met circa 15 procent een aanzienlijk lagere winstbelasting dan Nederland of België. Volgens diverse deskundigen is het bovendien bijzonder lastig voor belastingdiensten om de economische waarde van merken en logo’s objectief vast te stellen. Juist daardoor vormen intellectuele eigendomsrechten een geliefd instrument voor internationale winstallocatie.
Ahold Delhaize benadrukt dat de Zwitserse activiteiten “reële economische substantie” hebben, maar geeft nauwelijks inzicht in de omvang ervan. Vast staat dat het aantal medewerkers in Zwitserland beperkt is. Dat contrasteert scherp met de vermoedelijke winst van ruim 740 miljoen euro die de Zwitserse entiteiten gezamenlijk zouden realiseren. Voor critici is dat een klassieke indicator van belastingontwijking: hoge winsten op locaties waar nauwelijks operationele activiteiten plaatsvinden.
Bron: FTM


De tijd dat AH op de kleintjes lette is voorbij, ze gaan nu voor de groten. Is dit soms een invloed van onze zuiderburen?