
Minister Kaag heeft de wetswijzigingen waarmee de Europese richtlijn duurzaamheidsrapportering wordt geïmplementeerd in consultatie gebracht. Verandering voor accountants is onder meer dat in de praktijkopleiding acht maanden worden ingeruimd voor assurance van duurzaamheidsrapportage. Openstelling van die dienst voor andere partijen is vooralsnog niet aan de orde.
De allergrootste bedrijven zijn al verplicht om te rapporteren over niet-financiële informatie. De richtlijn duurzaamheidsrapportering breidt het toepassingsbereik van die verplichting uit naar alle grote rechtspersonen, grote banken en grote verzekeraars en naar alle beursvennootschappen behalve micro-beursvennootschappen. De richtlijn duurzaamheidsrapportering geldt ook voor oob’s die aan het hoofd staan van een grote groep.
Opties worden verkend
Uitgangspunt is dat het assuranceonderzoek wordt uitgevoerd door de externe accountant. Lidstaten mogen ook ruimte bieden aan andere partijen om de duurzaamheidsrapportering te controleren, zoals een accountant die niet de jaarrekeningcontrole doet. ‘Deze opties worden verder verkend’, aldus Kaag in de memorie van toelichting.
Acht maanden duurzaamheid in opleiding
In de richtlijn is bepaald dat in de praktijkopleiding ten minste acht maanden worden besteed aan de assurance van duurzaamheidsrapportering of andere duurzaamheidsgerelateerde diensten ten behoeve van de toelating tot het uitvoeren van assuranceonderzoek van duurzaamheidsrapportering. Accountants die voor 1 januari 2024 zijn toegelaten om wettelijke controles te verrichten, kunnen ook assuranceonderzoek van duurzaamheidsrapportering uitvoeren zonder aan deze eisen te voldoen. ‘Ook personen die op 1 januari 2024 aan de opleiding voor accountant zijn begonnen, hoeven niet aan de vereisten te voldoen indien zij binnen twee jaar de opleiding afronden en via permanente scholing kennis opdoen van assuranceonderzoek van duurzaamheidsrapportering.’
Geen verbod op andere diensten
Een verbod op het verrichten van overige diensten, zoals voor oob-kantoren geldt bij controleklanten, wordt voor het assuranceonderzoek bij duurzaamheidsrapportage niet nodig geacht. ‘Het zou kunnen leiden tot een beperking van het aanbod van accountantsorganisaties die assuranceonderzoeken van duurzaamheidsrapportering uitvoeren, wat onwenselijk wordt geacht. Een externe accountant of accountantsorganisatie zal bijvoorbeeld naast het verrichten van assuranceonderzoek over duurzaamheidsrapportering wel belastingdiensten mogen verrichten.’ Dat geldt voor accountantsorganisaties die geen wettelijke controles bij de oob verrichten. ‘Indien een accountantsorganisatie de wettelijke controle verricht bij een oob, is de organisatie wel gebonden aan artikel 24b Wta.’
Overigens telt de assurance van de duurzaamheidsrapportage niet mee bij het berekenen van de limiet van de vergoeding voor niet-controlediensten. Bij oob’s waarvoor de wettelijke controle wordt verricht, mogen niet tegelijk ook duurzaamheidsrapportages worden opgesteld. Het bijscholen van accountants op het gebied van duurzaamheidsrapportage gaat de branche naar verwachting 9,6 miljoen euro kosten, zo raamt de minister.



Geef een reactie