In de praktijk lopen er twee routes door elkaar: de geruisloze inbreng die al in het voorafgaande jaar is ‘aangekondigd’ met een intentieverklaring, en de ruisende inbreng waarbij de terugwerkende kracht tot 1 januari van het lopende jaar nog veiliggesteld moet worden.
Deadlines
Voor een geruisloze inbreng geldt: de intentieverklaring moet vóór 1 oktober bij de Belastingdienst zijn geregistreerd. De oprichting en inbreng moeten binnen negen maanden na het begin van het boekjaar plaatsvinden. Omdat de intentieverklaring vóór 1 oktober van het voorgaande jaar moet zijn gedaan, moet in de praktijk rond 31 maart de bv daadwerkelijk zijn opgerichten en de geruisloze inbreng gepasseerd zijn bij de notaris om terugwerkende kracht tot 1 januari van het voorafgaande jaar te behouden.
Voor een ruisende inbreng met terugwerkende kracht tot 1 januari van dit jaar ligt de nadruk juist op de intentieverklaring zelf. De terugwerkende kracht kan tot maximaal drie maanden vóór oprichting maar alleen als er een voorovereenkomst / intentieverklaring is geregistreerd. De Belastingdienst accepteert in de praktijk: registratie binnen drie maanden na 1 januari, dus voor 1 april, Daarbij geldt dat “intentieverklaring” bij ruisend soms eigenlijk een voorovereenkomst is. De achterliggende gedachte is dat ruisende terugwerkende kracht beperkt is; de intentieverklaring moet binnen drie maanden moet worden opgestuurd en vóór 1 april binnen moet zijn om per 1 januari te laten ingaan.
Belangrijk in de planning is dat het ruisende traject daarna nog een tweede mijlpaal kent: als vóór 1 april de intentieverklaring is getekend, geldt 30 september als uiterste datum om de bv met ruisende inbreng daadwerkelijk op te richten. Formeel geldt een terugwerkende kracht van maximaal drie maanden; dus als de intentieverklaring op 31 maart is moet de oprichting uiterlijk 30 juni zijn. De reden dat 30 september vaak genoemd wordt is dat de Belastingdienst in de praktijk accepteert dat de akte later passeert als het traject aantoonbaar loopt.
Geruisloos of ruisend: fiscale logica
Bij een ruisende inbreng wordt in beginsel afgerekend over stille reserves en goodwill; er ontstaat stakingswinst. Daarbij kunnen faciliteiten spelen, zoals stakingsaftrek en de mogelijkheid om via een lijfrente een deel van de stakingswinst uit te stellen. Ruisend kan interessant zijn als herwaardering binnen de bv gewenst is of als afrekening op dit moment passend is, maar het vraagt een realistische inschatting van de belastingdruk en de financierbaarheid daarvan.
Bij geruisloze inbreng vindt geen directe heffing plaats; fiscale claims schuiven door naar de bv. Daar staat tegenover dat voorwaarden gelden, waaronder doorgaans het minimaal drie jaar voortzetten van de onderneming binnen de bv. Daarbij geldt ook dat de terugwerkende kracht bij geruisloos maximaal negen maanden is en alleen vanaf het begin van een boekjaar kan gelden.
Naast de keuze voor de route speelt de ‘bv-realiteit’ direct mee in de beoordeling. Het gebruikelijk loon voor de dga werkt door in liquiditeit en de verdeling tussen loon en dividend. Daarbij geldt sinds 2023 de aanscherping rond de bandbreedte ten opzichte van vergelijkbare salarissen. Het loon moet minimaal 75 procent van vergelijkbaar loon zijn. Voor een dga is het minimum 75 procent van het hoogste werknemersloon. Dit hoort in maart niet pas achteraf in beeld te komen, maar vooraf in de budgettering en de inrichting van loonheffingen.
Wat in maart op orde moet zijn
In maart draait het om sluitendheid: fiscale stukken, notariële stukken en de administratie moeten elkaar ondersteunen. Voor de terugwerkende kracht is registratie van de intentieverklaring/voorovereenkomst essentieel. De Belastingdienst koppelt verzoeken om terugwerkende kracht (waaronder geruisloze omzetting en ruisende inbreng) aan het gebruik van het geleideformulier voor de voorovereenkomst of intentieverklaring.
Daarnaast is financiële onderbouwing nodig. In ieder geval moet duidelijk zijn wat tot het ondernemingsvermogen behoort dat in de bv wordt ingebracht: activa, passiva, debiteuren, crediteuren, voorraden, onderhanden werk en relevante contracten. Bij ruisende inbreng is de waarderingsonderbouwing (met name voor goodwill en stille reserves) bepalend voor de fiscale afrekening; bij geruisloze inbreng is juist consistentie met boekwaarden en een verdedigbare inbrengbalans cruciaal. In maart ontstaat vaak de bottleneck doordat cijfers en onderbouwing te laat beschikbaar komen om nog tijdig notarieel te passeren, met name bij de geruisloze route met deadline 31 maart.
Ten slotte moet de administratie aansluiten op de gekozen peildatum. Bij ruisende inbreng met terugwerkende kracht dmoeten e geboekte resultaten vanaf 1 januari op de balans van de bv komen. Dat vraagt om een werkbare inrichting van facturatie, bankstromen en kostenallocatie in de periode dat de bv juridisch nog niet bestaat, zodat achteraf geen omvangrijke correcties nodig zijn. Voor ondernemingen met onroerende zaken of grote contractposities verdient het bovendien aandacht om btw- en overdrachtsbelastingaspecten tijdig te toetsen; Bij voortzetting kunnen vaak vrijstellingen spelen en dat de bv in btw-zin in de plaats kan treden van de eerdere ondernemer.
Barry de Vent is fiscaal contentspecialist bij Nextens fiscale software.


Kunt u mij vertellen op grond van welk wetsartikel of besluit onderstaande punten zijn bepaald? Ik ken namelijk de drie maanden termijn alleen als termijn voor de voor-voorperiode en niet als termijn tussen overeenkomst en oprichting. Ik ben daarom benieuwd welke informatie ik nog mis in deze.
“De terugwerkende kracht kan tot maximaal drie maanden vóór oprichting maar alleen als er een voorovereenkomst / intentieverklaring is geregistreerd.”
“Formeel geldt een terugwerkende kracht van maximaal drie maanden; dus als de intentieverklaring op 31 maart is moet de oprichting uiterlijk 30 juni zijn. De reden dat 30 september vaak genoemd wordt is dat de Belastingdienst in de praktijk accepteert dat de akte later passeert als het traject aantoonbaar loopt.”
DGA-loon op 75% van het vergelijkbaar loon?
Stuk kan sws beter opnieuw geschreven worden, ook met alle spelfouten