Een vrouw met een eenbmanszaakin studiebegeleiding, vorming, onderwijs en kinderopvang is getrouwd met een dga van een bouwbedrijf. Die is met een eigen BV ook minderheidsaandeelhouder in een ander bedrijf. Het paar heeft voor hun bedrijven dezelfde accountant, een AA die meestal contact heeft met de man en bovendien voorbereidende controlewerkzaamheden verricht voor het bedrijf waar de man een minderheidsbelang in heeft.
Aparte opdrachtovereenkomsten
Eind 2021 zegt de man dat hij wil scheiden. Hij vraagt de AA om hem te helpen bij de afwikkeling van de huwelijksgoederengemeenschap. Na overleg met een belastingadviseur op zijn kantoor besluit de AA op het verzoek in te gaan, zij het dat voor beide aanstaande exen een aparte opdrachtovereenkomst wordt opgesteld.
In mei 2022 komt de AA met een voorstel voor de verdeling, maar daar gaat de vrouw niet mee akkoord. Die maakt na afloop met de belastingadviseur ten kantore een afspraak om een financiële planning op te stellen. In die planning, die op juli van de band rolt, wordt de aan de vrouw toe te wijzen echtelijke woning gewaardeerd op € 1,1 miljoen. Na opmerkingen van de man wordt dat later bijgesteld naar € 1,5 miljoen. Het aandelenpakket van de man wordt op € 4 miljoen gezet.
De vrouw twijfelt echter een vraagt zich af of er geen taxateur aan te pas moet komen. En de aandelen die haar ex heeft, zijn ook niet onafhankelijk gewaardeerd. Ze dringt aan op een waardebepaling, maar in september vertellen AA en belastingadviseur haar in een gesprek dat de bedragen blijven zoals ze zijn. Een maand later wordt het echtscheidingsconvenant gesloten – waarover anno 2026 nog wordt geprocedeerd.
Nooit bevestiging verstuurd
De vrouw voelt zich misdeeld en is niet tevreden over de gang van zaken. Ze dient tegen de AA een klacht in bij de Accountantskamer. Hij heeft onjuiste of op zijn minst onvolledige informatie verstrekt over de waarde van de aandelen en de woning. Daarnaast had hij moeten inzien dat zijn objectiviteit gezien de tegengestelde belangen van beide exen in het geding was: hij had de vrouw naar een andere adviseur moeten verwijzen, zo klaagt ze.
De tuchtrechter signaleert dat de afzonderlijke opdrachtbevestigingen, waarvan in het begin sprake was, nooit zijn opgesteld. “Evenmin heeft betrokkene een andere vastlegging overgelegd waaruit de rol van betrokkene en [de belastingadviseur] en hun onderlinge verantwoordelijkheidsverdeling blijken.” Maar uit de stukken blijkt dat de AA een adviserende rol ten opzichte van de vrouw heeft vervuld. “Betrokkene heeft immers op verschillende momenten met klaagster gesproken, waaronder een bespreking over onder meer de waardering van de aandelen en hij stond steeds in nauw contact met [de belastingadviseur].” Wel kan de AA niet tuchtrechtelijk verantwoordelijk worden gehouden voor gedragingen of handelingen van de belastingadviseur.
Aandelen bijna tien keer zo veel waard
Op de zitting komt aan het licht dat de waarde van de aandelen die de ex in het tweede bedrijf had, beduidend meer moet zijn dan de € 4 miljoen die uiteindelijk in het echtscheidingsconvenant is terechtgekomen. Zo zou alleen al bij zijn overlijden worden uitgegaan van een waarde van € 10 miljoen. Uit de later boven tafel gekomen jaarrekening 2023 van de groep waar hij grootaandeelhouder is, blijkt dat het eigen vermogen op meer dan € 70 miljoen uitkomt, met een winst van meer dan € 20 miljoen. Een door de vrouw ingeschakelde deskundige komt op een aandelenwaarde van ruim € 31 miljoen.
‘Niet het onderste uit de kan’
De AA verdedigt zich door aan te geven dat de aandelenbedragen wel degelijk zijn medegedeeld aan de vrouw en dat uitgangspunt was dat ze na de echtscheiding comfortabel verder zou kunnen leven – dus ze hoefde niet het onderste uit de kan, stelt hij.
Maar de Accountanskamer heeft geen gespreksaantekening of ander document gezien waaruit blijkt dat de vrouw over de waardes is ingelicht. De AA had zelf een duidelijk inzicht moeten krijgen in de werkelijke waarde van de aandelen en de woning en die zo nodig objectief moeten (laten) verifiëren, aldus de tuchtrechter. “Alleen op die manier kon betrokkene klaagster, wier belangen hij ook behartigde, daarover zorgvuldig adviseren opdat zij bewust en weloverwogen (deels) afstand zou (kunnen) doen van het recht op haar deel van het huwelijksvermogen.”
Waarde niet onderbouwd
De AA is ook de mist in gegaan door in de vermogensverdeelstaat een waarde van de woning en de aandelen op te nemen zonder dat daaraan een taxatierapport of andere onderbouwing ten grondslag lag. “De vermogensverdeelstaat wekt de indruk dat sprake is geweest van een gelijke vermogensverdeling, terwijl een onderbouwde waardering van zowel de aandelen als de woning in een mogelijk substantieel ongelijke verdeling zouden kunnen resulteren. Het inzicht daarin was niet alleen van belang voor de directe financiële afwikkeling tussen klaagster en [de ex], maar ook voor het bepalen van de mogelijke fiscale consequenties van een ongelijke verdeling.” Oordeel: de AA heeft het fundamentele beginsel van vakbekwaamheid en zorgvuldigheid niet nageleefd.
Rol niet duidelijk gemaakt
De klacht over de objectiviteit slaagt ook. De AA is door de man benaderd om te helpen met de financiële afwikkeling van de echtscheiding, maar de opdracht is niet schriftelijk vastgelegd. Niet is gebleken dat de AA de aard en reikwijdte van de opdracht met de vrouw heeft besproken, dat zij op de hoogte was van de opdracht zoals die door haar ex is gegeven en dat zij daarmee instemde. “Betrokkene heeft zich alleen gebaseerd op uitlatingen van [de man] over de voorgenomen deelname door klaagster aan het gesprek en haar latere beslissing om daarvan af te zien, zonder dat bij klaagster te verifiëren. Bovendien heeft betrokkene richting klaagster onvoldoende duidelijk gemaakt wat zijn rol jegens haar was.”
Gezien de jarenlange zakelijke relatie met de man bestond er een bedreiging voor het fundamentele beginsel van objectiviteit, aldus de Accountantskamer. “Betrokkene had reeds bij aanvaarding van de opdracht in november 2021 moeten onderkennen dat sprake was van een belangentegenstelling. Die belangentegenstelling heeft zich op meerdere momenten daarna concreet gemanifesteerd.”
Intentie tot benadelen was bekend
Want de AA wist dat de aandelen van de man veel geld waard waren en dat hij die aandelen buiten de verdeling wilde houden. En hij was erbij toen na een verhit gesprek de verzorgingsregeling voor de vrouw is uitgekleed en de waarde van de aan haar toekomende woning verhoogd. “Tegen de achtergrond van deze omstandigheden is onbegrijpelijk dat betrokkene nog altijd het standpunt inneemt dat van een belangentegenstelling geen sprake was.” Hij had moeten handelen toen de vrouw haar twijfels uitte over de waardering van aandelen en huis.
De AA heeft desondanks wel integer gehandeld, oordeelt de tuchtrechter. “Hoewel het handelen van betrokkene vragen oproept over zijn integriteit, is schending van het fundamentele beginsel van integriteit een ernstig verwijt dat niet licht bewezen wordt geacht. Dat het handelen van betrokkene niet eerlijk en oprecht was, in die zin dat hij klaagster bewust heeft willen benadelen door het belang van [de man] te laten prevaleren boven dat van klaagster is niet aannemelijk gemaakt.”
Geen inzicht in eigen handelen
De AA krijgt een doorhaling van drie maanden opgelegd. “De Accountantskamer heeft in aanmerking genomen dat betrokkene in het geheel niet heeft onderkend dat tussen klaagster en [de man] een belangentegenstelling kon en ook daadwerkelijk is ontstaan en dat het bijstaan van zowel klaagster als [de man] al bij de opdrachtaanvaarding en vervolgens op meerdere latere momenten tijdens de uitvoering van de opdracht heeft geresulteerd in een bedreiging van zijn objectiviteit. Ook heeft hij er niet voor gezorgd dat klaagster het voor de door haar te nemen beslissingen noodzakelijke inzicht heeft verkregen in de waarde van de vermogensbestanddelen van de huwelijksgoederengemeenschap, ondanks de door klaagster aanhoudend geuite twijfels daarover. Tot slot heeft de Accountantskamer meegewogen dat betrokkene geen inzicht heeft getoond in het laakbare van zijn gedrag.”


Dus het doelbewust onjuist informeren van de vrouw ten behoeve van de man en daarmee de vrouw ook doelbewust ernstig financieel te benadelen is niet voldoende bewijs dat het fundamentele beginsel van integriteit is geschonden… Dat vind ik heel opvallend…!
Hallo, als u dringend een lening nodig heeft, raad ik u aan contact op te nemen met Spotcap Financial Service via e-mail: [spotcapglobalservices@ gmail.com]