‘Het is natuurlijk jammer dat jij niet bij dat gesprek met die dames kunt zijn. Maar ik heb je laten komen omdat ik het graag met jou wil voorbespreken.’
Jouw dilemma
Pascal wordt licht in zijn hoofd en voelt zich warm worden. Dit is waar hij bang voor is geweest. Gisteravond had hij het er nog met zijn vriend over gehad.
‘Doe ik er wel goed aan om morgen naar Joost te gaan? Kan ik mij niet beter ziekmelden?’
Zijn vriend had hem liefdevol aangekeken. ‘Dat is denk ik het slechtste wat je kunt doen. Afzeggen omdat je zogenaamd ziek bent, dat vind ik een hele slechte smoes.’
‘Wat moet ik dan doen?’ had Pascal gevraagd. ‘Ik voel spanning, het blijft maar doormalen in mijn hoofd. Ik voel me hier uitermate ongemakkelijk bij.’
‘Je hebt jezelf in die positie gebracht,’ had zijn vriend gezegd. ‘Je hebt iets verteld wat je volgens mij helemaal niet had hoeven vertellen.’
‘Laat jij mij nu ook nog vallen?’ vroeg Pascal, en hij keek sip.
‘Natuurlijk niet.’ Zijn vriend had een arm om hem heen geslagen. ‘Ik ben er altijd voor je. Maar ik kan jouw dilemma niet zomaar voor je oplossen.’
‘Maar wat moet ik dan? Joost blijven helpen? Hoe langer ik dat doe, hoe meer ik van mezelf walg. Het liefst zou ik nu samen met jou weggaan en pas terugkomen als het allemaal voorbij is.’
‘Vluchten lost niets op. Dan krijg je het als een boemerang terug. Misschien is dit het beste advies dat ik je kan geven: blijf rolvast. Het is niet de eerste keer dat je met een zaak te maken krijgt waarin je het handelen van iemand veroordeelt, maar hem toch bijstaat.’
Teleurgesteld
Pascal besefte dat zijn vriend gelijk had. Als advocaat heeft hij regelmatig te maken met mensen die hij niet mag, omdat ze dingen hebben gedaan die hij afkeurt. Vaak gaat het om mannen die schuldig zijn bevonden aan huiselijk geweld, of om personen die zich beledigend hebben uitgelaten over mensen uit de lhbti+gemeenschap. Dat hij hen bijstaat, komt voort uit een soort innerlijke zendingsdrang. Hij is ervan overtuigd dat mensen deugen. Soms vertelt hij tijdens een gesprek met een client dat hij zelf homoseksueel is, en in vrijwel alle gevallen is dat geen probleem. Meestal krijgt hij een opmerking als: dat moet je zelf weten, of: als je het maar niet aan mijn familie of vrienden vertelt. Vaak schamen die mensen zich als ze eenmaal voor de rechter staan. Natuurlijk is hij ook wel eens teleurgesteld, zoals nu bij Joost. Stiekem had hij gehoopt dat Joost alles aan hem zou bekennen.
‘Hoe ziet u die voorbereiding voor u?’ vroeg Pascal aan Joost.
‘Ik wil van jou graag horen wat ik wel en niet moet zeggen, zodat we deze zaak snel kunnen laten rusten. Ik heb nog wel wat anders aan mijn hoofd. Laatst is er een private-equitypartij langs geweest, en als maatschap hebben we besloten dat we daar verder mee willen praten. Daar besteed ik mijn tijd liever aan dan aan wat kinderachtige beschuldigingen van een paar dames, die kennelijk nog moeten leren dat het leven geen pretje is, maar een harde les.’ Joost tikt een paar keer met zijn vingers op de rand van het bureau.
‘Die laatste opmerking laat ik bij u. Zoals ik al eerder zei, ik ben er niet bij geweest.’ Pascal spreekt de zin uit die hij met zijn vriend had geoefend, voor het geval hij een opmerking kreeg waarin hij geen positie wilde kiezen.
‘Dus je gelooft mij niet?’ Joost klinkt fel.
‘Dat zeg ik niet. Ik ben er niet bij geweest. Ik kan u alleen adviseren op basis van de feiten die u mij vertelt. Misschien is het goed dat u mij uw kant van de zaak eens laat zien. Wat is er precies voorgevallen met Chantal en Marga?’
Prima werkwijze
Joost zucht. ‘Er is helemaal niets voorgevallen, dat is nu juist het probleem. Ik ben misschien een keer tegen hen aangelopen en heb dan per ongeluk een van hun edele delen geraakt, maar meer is het niet geweest. Ik vind die dames niet eens aantrekkelijk. Ik snap er dus niets van.’
‘Uw vertrouwenspersoon, hoe wil die het aanpakken? Hebt u daar al overleg mee gehad?’ Pascal kijkt Joost recht aan. Het voelt als een kleine overwinning.
‘Zij stelt voor dat we eerst naar het verhaal van de dames luisteren, dat ik daarna mijn verhaal vertel, en dat we vervolgens in gesprek gaan om wat afspraken te maken.’
‘Dat lijkt mij een prima werkwijze. Zo zou ik het ook doen. En als er volgens u niets is gebeurd, dan zou ik zo’n gesprek met vertrouwen tegemoetzien. Waar laat u het plaatsvinden?’
‘In ieder geval niet hier op kantoor. Dan gaat iedereen zich afvragen wat ik in een spreekkamer doe met een voormalig medewerker en onze vertrouwenspersoon. Dat lijkt mij niet slim. Dus ik heb mijn secretaresse gevraagd een spreekkamer in het Hilton op Schiphol te boeken. Dat kost wel wat, maar de kans dat ik daar iemand tegenkom die mij kent, acht ik nihil.’ Joost klinkt weer wat rustiger.
‘Maar goed, we hebben nu van alles uitgewisseld, en ik weet nog steeds niet wat ik wel en niet moet zeggen. Laten we daar de rest van deze afspraak aan besteden.’
Jan Wietsma
Hier lees je de eerdere afleveringen van seizoen 4 van dit feuilleton.


Geef een reactie