Hogere productievereisten en een aanhoudende toename van het aantal nieuwe orders leidden tot een uitbreiding van de inkoopactiviteiten, al was er wederom sprake van een kleinere materiaalvoorraad. “Het conflict in het Midden-Oosten verstoorde opnieuw de toeleveringsketens en zette de kosten verder onder druk, maar in beide gevallen was het effect hiervan minder groot dan vorige maand.” Bij meer dan een kwart (27%) van de bedrijven was er sprake van een productiestijging, vergeleken met 14% die een daling noteerde.
Vertrouwen herstelt
Het ondernemersvertrouwen herstelde zich volgens de PMI-index, een samengestelde indicator die de stand van zaken in de productiesector weergeeft. De hoofdindex van 54,4 bleef voor de veertiende achtereenvolgende maand boven de ‘geen-veranderingsgrens’ van 50. Dat wijst volgens de Nevi op een verdere duidelijke verbetering van de bedrijfsomstandigheden. “Hoewel de index ten opzichte van de 55,5 van juni naar het laagste niveau daalde in drie maanden, was dit nog steeds het op twee na hoogste cijfer van de afgelopen vier jaar.”
Meer vraag naar Nederlands fabrikaat
De stijging van het aantal nieuwe orders komt door grotere vraag naar in Nederland geproduceerde artikelen, een toename van het aantal aanvragen van klanten en het aantal nieuwe projecten. “Hoewel het groeitempo afnam naar het laagste niveau in drie maanden, lag dit nog steeds boven het onderzoeksgemiddelde. De stijging van het aantal nieuwe exportorders was eveneens minder groot en bleef achter bij die van het totale aantal nieuwe orders.”
Ingekochte voorraad kleiner
Bedrijven maken waar nodig gebruik van de bestaande voorraad, waardoor de voorraad ingekochte materialen voor de eerste keer in vier maanden daalde. De fabrikanten gaven ook aan dat er sprake was van materiaaltekorten, deels door verstoringen van de toeleveringsketens door het conflict in het Midden-Oosten. De gemiddelde levertijden voor materialen waren opnieuw aanzienlijk langer, maar in mindere mate dan in het tweede kwartaal. Er werd bovendien melding gemaakt van opstoppingen in havens en vertragingen in de scheepvaart.
Door de leveringsproblemen gingen de inkoopkosten omhoog: respondenten noteerden hogere kosten voor brandstof, energie, olie, transport, grondstoffen en lonen. “Zowel de inkoop- als de verkoopprijsinflatie bleven fors, maar daalden wel naar het laagste niveau in vier maanden. “De stijging van de inkoopkosten was opnieuw duidelijk groter dan die van de verkoopprijzen.”


Geef een reactie