Het Openbaar Ministerie eiste een geldboete van €25.000 tegen de vennootschap en een taakstraf van 240 uur tegen Mamadeus. Daarnaast is een voorwaardelijke gevangenisstraf van twee maanden met een proeftijd van twee jaar geëist.
Volgens het OM zijn de aangiften vennootschapsbelasting over 2018, 2019 en 2021 pas jaren na afloop van de wettelijke termijn ingediend. Ook de aangifte inkomstenbelasting over 2019 van Mamadeus werd niet tijdig gedaan. Bedrijven moeten binnen vijf maanden na afloop van het boekjaar aangifte vennootschapsbelasting indienen.
BDO
Mamadeus erkent dat de aangiften te laat zijn ingediend, maar betwist dat sprake was van opzet. Hij verklaarde in de rechtbank “verrast” te zijn geweest door de achterstanden. Uitnodigingen en aanmaningen zouden zijn verstuurd naar het postadres van zijn voormalige belastingadviseur. Daarnaast stelt hij dat toenmalig accountant BDO heeft nagelaten tijdig aangiften in te dienen of uitstel aan te vragen. “Als je al niet kan vertrouwen op een Big Five-kantoor …”, aldus de bestuurder.
Na een vertrouwensbreuk nam Change eind 2021 afscheid van BDO en stapte over naar PwC. Dat kantoor heeft volgens Mamadeus verklaard niet op de hoogte te zijn geweest van de achterstanden en daarvoor ook geen opdracht te hebben gekregen. Pas na contact met de Belastingdienst in 2023 zijn de aangiften alsnog ingediend.
Het OM verwijt Mamadeus dat hij als bestuurder onvoldoende toezicht heeft gehouden en “te veel achterover heeft geleund” toen signalen over achterstanden naar voren kwamen. De rechtbank doet op 5 maart uitspraak. De fiscale achterstanden zijn inmiddels ingelopen; voor een deel van de aanslagen is uitstel van betaling aangevraagd.
Bron: FD


Geef een reactie