Dat blijkt uit antwoorden van staatssecretaris Eugène Heijnen op Kamervragen. De keuze voor Microsoft 365 zou al in 2021 zijn gemaakt in een ‘andere geopolitieke context waarin digitale soevereiniteit minder zwaar woog dan nu’.
Ruim 14 miljoen euro geïnvesteerd
Uit de antwoorden van Heijnen blijkt dat er destijds is aangesloten bij de rijksbrede standaard van Windows 11 en M365. Met de kennis van nu zouden mogelijk andere scenario’s zijn onderzocht, maar dat betekent volgens hem ‘niet automatisch dat de uitkomst anders zou zijn geweest’. Sinds 2021 is ongeveer 14,4 miljoen euro geïnvesteerd in de uitrol, maar dit bedrag heeft volgens Heijnen formeel geen rol gespeeld bij het besluit om de migratie voort te zetten.
Scheiding
De Belastingdienst benadrukt dat het uitsluitend gaat om kantoorautomatisering zoals e-mail en documentbeheer. De primaire processen voor belastingheffing, inning en opsporing blijven draaien in de eigen datacenters. Deze scheiding moet voorkomen dat gevoelige fiscale data onder Amerikaanse jurisdictie vallen.
Het risico dat Microsoft onder geopolitieke druk de dienstverlening staakt, is expliciet meegenomen in de risicoanalyse en wordt als klein ingeschat. Voor dat scenario is een exitstrategie uitgewerkt, waarbij wordt teruggevallen op een afgeslankte on-premises HCL-omgeving met lokale back-ups van data. Details hierover zijn vertrouwelijk gedeeld met de Kamer. Volgens de Belastingdienst is de informatiebeveiliging bij Microsoft op dit moment beter geborgd dan bij alternatieve oplossingen.
Hoge onderhoudskosten en inefficiëntie
Er zijn diverse oplossingen bekeken, een hybride on-premisesoplossing met Microsoft Exchange bleek technisch onhaalbaar. Doorgaan met de bestaande werkomgeving werd afgewezen vanwege hoge onderhoudskosten en aanhoudende inefficiëntie. Belastingdienstmedewerkers beschikken al over nieuwe laptops die geschikt zijn voor Microsoft 365, maar werken vaak nog met verouderde software. Dat leidt volgens de fiscale dienst tot een productiviteitsverlies van 15 tot 30 minuten per medewerker per dag.
Geen verkenning open source
Opvallend is verder dat er geen diepgaande verkenning van specifieke Europese of open source alternatieven heeft plaatsgevonden. Er is vooral uitgegaan van bestaande openbare rapportages over de volwassenheid van Europese cloudoplossingen. Producten zoals Linux, Proton, LibreOffice of Nextcloud zijn niet afzonderlijk beoordeeld op geschiktheid voor de schaal en complexiteit van de Belastingdienst. Monitoring van geopolitieke en juridische ontwikkelingen, zoals rond de Amerikaanse CLOUD Act, verloopt via het rijksbrede cloudbeleid en interne marktobservatie. De overheid ziet digitale autonomie als een ‘bredere, rijksbrede opgave, maar kiest in dit traject voor continuïteit’.
Politiek niet onverdeeld gelukkig
De politiek gaf eerder al aan niet onverdeeld gelukkig te zijn met de keuze voor Microsoft365. Diverse partijen in de Tweede Kamer vinden dat daarmee de afhankelijkheid van de Nederlandse overheid van het Amerikaanse techbedrijf toeneemt. Dat het om een ‘politiek gevoelig besluit’ gaat bleek eind september: GroenLinks-PvdA en NSC dienden een motie in om het demissionaire kabinet te dwingen de overstap terug te draaien.


Geef een reactie