Het artikel is een reactie op een andere bijdrage in ESB. Daarin betogen drie onderzoekers dat de onderbouwing voor duurzaam pensioenbeleggen nog onvoldoende overtuigend is. Volgens hen is het onduidelijk of duurzaam beleggen daadwerkelijk maatschappelijke effecten heeft, of het financieel rendement schaadt en of pensioendeelnemers er wel achter staan. Van Dijk nuanceert die kritiek en benadrukt dat het wetenschappelijke bewijs op deze punten nog volop in ontwikkeling is.
Uitsluiting bedrijven
Een veelgebruikte strategie bij duurzaam beleggen is het uitsluiten van vervuilende bedrijven uit de portefeuille. Critici stellen dat zo’n strategie weinig effect heeft, omdat een daling van de aandelenkoers pas optreedt als een groot deel van alle beleggers dezelfde bedrijven mijdt.
Volgens Van Dijk laten andere studies echter zien dat uitsluiting wel degelijk effect kan hebben. Zo kan zelfs een relatief kleine groep duurzame beleggers de financieringskosten van vervuilende bedrijven verhogen of druk uitoefenen op hun gedrag. Ook kan de dreiging van uitsluiting bedrijven ertoe aanzetten hun beleid te verduurzamen. Daarnaast kan uitsluiting een signaalfunctie hebben. Door bedrijven uit te sluiten kunnen beleggers bijdragen aan het stigmatiseren van vervuilende activiteiten, wat indirect invloed kan hebben op bedrijfsstrategieën.
Engagement strategie
Naast uitsluiting proberen beleggers ook via het gebruik van stemrechten en dialoog met bedrijven veranderingen te bereiken. Critici wijzen erop dat zulke trajecten tijd en geld kosten en lang niet altijd succesvol zijn. Maar volgens de hoogleraar van de Erasmus universiteit is engagement een legitieme strategie, ook al is wetenschappelijk bewijs nog beperkt. Recente studies en analyses van toezichthouders laten volgens hem zien dat het niet onlogisch is dat aandeelhouders via engagement echte maatschappelijke impact kunnen bereiken.
Rendement discussie
Een centrale vraag is of duurzaam beleggen ten koste gaat van het financiële rendement van pensioenfondsen. Van Dijk stelt dat er tot nu toe geen overtuigend bewijs is dat duurzame bedrijven structureel hogere rendementen opleveren. Tegelijk is er ook geen sterk bewijs dat duurzaam beleggen juist geld kost. In een recente studie wordt bijvoorbeeld geen verband gevonden tussen ESG-ratings en aandelenrendementen wereldwijd. Wel kunnen duurzame strategieën leiden tot meer geconcentreerde portefeuilles, wat extra risico kan opleveren. In de praktijk lijkt dat volgens de auteur echter mee te vallen, omdat pensioenfondsen doorgaans nog steeds in honderden tot duizenden aandelen beleggen.
Klimaatrisico
Volgens de auteur speelt ook een andere afweging mee: klimaatrisico. Vervuilende bedrijven kunnen risicovoller zijn door bijvoorbeeld strengere regelgeving of de kans dat fossiele activa hun waarde verliezen. Als beleggers zulke risico’s uit hun portefeuille verwijderen, kan dat betekenen dat zij een mogelijk hoger rendement mislopen, maar tegelijkertijd hun risico verlagen. Bovendien kan een zwaar klimaatscenario ook buiten de financiële markten grote gevolgen hebben voor pensioendeelnemers, bijvoorbeeld via hun baan, woning of leefomgeving.
Draagvlak deelnemers
Een ander punt van kritiek is dat pensioendeelnemers mogelijk geen duurzaam beleggingsbeleid willen. Volgens Van Dijk geven onderzoeken echter vaak een ander beeld. In veel studies blijkt een meerderheid van deelnemers positief te staan tegenover het meewegen van sociale en ecologische factoren in het beleggingsbeleid. In sommige onderzoeken blijkt zelfs dat deelnemers bereid zijn enig rendement op te offeren voor duurzamere investeringen. Wel blijft het meten van voorkeuren complex, onder meer door verschillen in financiële kennis en mogelijke vertekeningen in enquêtes.
Ethische vraag
Volgens de auteur blijft in het debat één element vaak onderbelicht: ethiek. Beleggingsbeleid is volgens hem nooit volledig waardeneutraal. Ook de keuze om uitsluitend op financieel rendement te sturen heeft een ethische dimensie. Daarom kan duurzaam beleggen ook worden gemotiveerd door het principe ‘do no harm’: het vermijden van investeringen die aantoonbare schade veroorzaken voor mens of milieu.
Lees hier het artikel in ESB.


Geef een reactie