Zoals het Financieele Dagblad van de afgelopen week. De koppen schreeuwen hem toe: “Private Equity koopt opnieuw groot accountantskantoor op” – “AI neemt taken accountant over” – “Duurzaamheidsverslaggeving in verdrukking”. Hij zucht. Hoe ontwikkelt dit beroep zich eigenlijk nog? Of is het vooral: hoe wordt het afgebouwd?
De afgelopen weken heeft Gijs zich verder verdiept in de opmars van private equity binnen de accountancysector. Hij leest over overnames van middelgrote kantoren, vaak aangekondigd als strategische samenwerkingen, maar met termen als ‘exitstrategie’, ‘maximale waardering’ en ‘investeringshorizon’ doorspekt. Wat is de werkelijke drijfveer?
Zijn eerste gedachte is: het ligt aan de oude garde. Partners die geen opvolging vinden en hun opgebouwde waarde te gelde willen maken. Die gedachte lijkt logisch. Veel kantoren kampen met vergrijzing. De jonge aanwas wil vaak geen partner meer worden. Te veel risico. Te weinig vrijheid. Geen aantrekkelijk vooruitzicht.
Maar dat is niet het hele verhaal. Gijs leest ook over technologische investeringen die nodig zijn om bij te blijven. AI-oplossingen die compliance-werkzaamheden kunnen automatiseren. Complexe data-analyse die alleen met grote IT-budgetten mogelijk wordt. Misschien is het geen vlucht voor het geld, maar een vlucht naar voren. Wie geen miljoenen kan investeren in technologie, redt het straks niet meer.
In een opiniestuk in Accountant.nl stuit hij op een scherpe uitspraak: “De toekomst van de accountant ligt in zijn vermogen tot duiding, niet in zijn vaardigheid tot optellen.” Hij denkt na. Als AI straks de facturen, de kasstroomoverzichten, de controle-informatie analyseert, wat blijft er dan over? De interpretatie. Het oordeel. Het gesprek met de klant. Maar is dat niet precies waar veel accountants zich ongemakkelijk bij voelen? Ze zijn opgeleid tot zekerheidszoekers, niet tot dialoogvoerders.
Hij opent zijn notitieboek en schrijft:
AI bedreigt niet de accountant die denkt, maar de accountant die telt.
Die middag heeft hij afgesproken met Annelies, een jonge accountant in opleiding. Ze zitten op een terras aan de gracht.
“Wat denk jij?” vraagt Gijs. “Heeft het accountantsberoep nog toekomst als AI straks alle routine wegneemt?”
Annelies aarzelt niet. “Ik denk het wel. Maar dan moet het beroep wel veranderen. Minder checklists, meer mensenwerk. En eerlijk gezegd… dat willen veel senioren gewoon niet.”
“En private equity dan? Zie jij jezelf ooit bij een kantoor werken dat in handen is van investeerders?”
Ze haalt haar schouders op. “Als ik vrijheid krijg en inhoudelijk werk kan doen? Misschien wel. Maar als het alleen gaat om rendement, nee dank je.”
Een dag later belt Gijs met zijn oude studiegenoot Sander, tegenwoordig beleidsmedewerker voor een Kamerlid van een groene partij. Gijs vraagt hem wat hij vindt van de duurzaamheidinzet van accountants.
“Maken accountants het verschil?” Sander steekt direct van wal. “Weet je wat ik het meest kwalijk vind aan accountants? Ze zijn altijd meegegaan met waar het geld zit. Duurzaamheid vonden ze alleen belangrijk toen de wetgever ze verplichtte om er iets mee te doen. Nu die verplichtingen worden afgezwakt, hoor je ze nauwelijks meer. Terwijl klimaat en ecologie alleen maar urgenter worden.”
“Dat klinkt nogal cynisch. Is dat de werkelijkheid?” vraagt Gijs.
“Cynisch? Nee hoor. Realistisch. Nu duurzaamheid geen verdienmodel meer is, haken ze af. Daarmee tonen accountants aan dat geen principiële beroepsgroep zijn. Ze zijn marktvolgers niet meer en niet minder.”
Die woorden blijven bij Gijs hangen als hij die avond op de bank zit. Zijn laptop op schoot. Wat hem het meest frappeert, is de afnemende aandacht voor duurzaamheid binnen de beroepsgroep. Waar de NBA een paar jaar geleden nog voorop liep in het verkondigen van de ‘maatschappelijke opdracht’, van accountants lijkt het debat nu verstomd. ESG wordt vaker gezien als compliance-druk dan als kernopdracht. In gesprekken met mkb-accountants hoort Gijs vooral verzuchtingen: “Laat ons nou gewoon onze klanten helpen, zonder al die groene rompslomp.”
Heeft dit te maken met politieke ontwikkelingen? Trump is herkozen. De Omnibus-maatregelen van de EU zijn afgezwakt. Plotseling is duurzaamheid niet langer de moraal, maar een last. Het lijkt een modieus jasje dat alweer uitgaat.
Hij weet dat accountants vaak kritisch zijn op politici, maar gedragen accountants zich niet net zo? Opportunistisch. Geldgedreven.
Hij pakt een markeerstift en onderstreept een zin in een artikel: “De accountant als poortwachter van maatschappelijke waarden is een ideaalbeeld, geen marktmodel.” Terwijl hij de stift weglegt, denkt hij aan een ander gesprek dat hij vorige week had met een jonge RA in opleiding. Zij zei: “Als AI het overneemt en PE bepaalt de richting, moet ik dan nog wel accountant worden?”
Gijs wist toen geen goed antwoord. En eigenlijk weet hij het nog steeds niet, waar krijgen de studenten die nu de opleiding accountancy volgen de komende jaren allemaal mee te maken. En sluit de opleiding daar nog wel voldoen op aan?
Maar misschien ligt de kracht van de toekomst juist in het niet-weten. In het durven twijfelen. En moet het de komende tijd vooral gaan over de vraag, wat het betekent, voor een nieuwe generatie studenten, om accountant te zijn. Hij schrijft op een leeg blad:
Misschien is de kern van het beroep niet zekerheid, maar moed.




Geef een reactie