Uit het onderzoek volgt dat Oranje zich ruim 9,1 miljoen euro van de derdengeldrekening van het kantoor wederrechtelijk heeft toegeëigend. De fraude strekte zich uit over een periode van meer dan vijftien jaar. Volgens het OM handelde Oranje alleen. Hij maakte gebruik van vervalste documenten en richtte stichtingen op met misleidende namen om interne risicobeheersmaatregelen te omzeilen en geldstromen buiten het zicht van het kantoor te houden.
Meldingen FIU
Het strafrechtelijk onderzoek kwam op gang na meldingen van banken aan de Financial Intelligence Unit (FIU) over ongebruikelijke transacties. Deze signalen werden doorgegeven aan het OM, dat samen met de FIOD in 2019 een onderzoek startte. Pels Rijcken deed in 2020 aangifte tegen Oranje. Hij overleed in november 2020.
Een deel van de verduisterde gelden is volgens het OM getraceerd. Oranje gebruikte geld voor consumptieve bestedingen en voor de aankoop van onroerend goed. Voor zover mogelijk is vermogen teruggehaald, onder meer door verkoop van vastgoed. Het betreft uit misdrijf verkregen vermogen, dat in beginsel toekomt aan de Staat of aan rechtstreeks benadeelden.
Het OM merkt Pels Rijcken aan als benadeelde partij, omdat het kantoor de tekorten op de derdengeldrekeningen heeft aangezuiverd en cliënten schadeloos heeft gesteld. De door Oranje veroorzaakte schade is echter groter dan het inmiddels getraceerde bedrag.
De strafzaak tegen de voormalig echtgenote van Oranje is geseponeerd wegens onvoldoende bewijs. Volgens het OM is niet gebleken dat zij wist of redelijkerwijs had moeten vermoeden dat het geld dat in de gezamenlijke huishouding werd ingebracht uit misdrijf afkomstig was.
Met de opgelegde geldboetes aan de twee vennootschappen komt een einde aan het strafrechtelijk traject rond de fraudezaak, die binnen het notariaat en de advocatuur tot aanzienlijke reputatieschade leidde.
Lees hier alles over de fraudezaak rond Frank Oranje.


Geef een reactie