In dit – 100% ambachtelijk handgeschreven – artikel reflecteer ik op praktijkervaringen. Ook geef ik een voorspelling voor de komende drie jaren en hoe AI zal zijn ingebed in de advocatuur anno 2029.
Technologie en AI
Soms moet ik denken aan de nostalgische verhalen van zeer ervaren collega’s over de advocatuur in de jaren ’80. Elke ochtend zaten alle kantoorgenoten aan een vergadertafel, waarbij de post van die dag werd uitgedeeld en zaken werden besproken. De advocaat met de grootste stapel post voor zijn neus had de grootste (en dus belangrijkste) praktijk. De rest van de dag werd besteed aan het dicteren van brieven en processtukken op cassettebandjes. Na het uitwerken van de tekst door een secretaresse, die retour kwam in een postboek, kon er nog eens rustig over worden nagedacht. Een paar dagen mijmeren over een schriftelijke reactie op een brief is er tegenwoordig niet meer bij. Hoe anders is de advocatuur anno 2026, waar cliënten 24 uur per dag, 7 dagen per week appen, mailen, videobellen en bij twee blauwe vinkjes ook direct een reactie terug verwachten. Gelukkig maken Exchange, een goed DMS, Teams en mobiel werken het allemaal behapbaar.
De nieuwste technische ontwikkeling zijn de LegalAI toepassingen gericht op de Nederlandse juridische markt, die sinds 2022 als paddenstoelen uit de grond zijn geschoten. In de basis gebruiken deze (API) ‘wrappers’ allemaal de AI-modellen van de grote spelers (Anthropic, OpenAI), maar geven ze hun eigen draai aan een Nederlandse invulling met Rechtspraak.nl, het specialistisch opbouwen van tijdlijnen, enzovoorts. De grote (internationale) spelers zoals Harvey lijken nu dominant te worden. In de kern bieden ze één groot voordeel boven reguliere AI-diensten als Claude, Gemini en ChatGPT. Ze maken het mogelijk om binnen een soevereine AI-omgeving veilig en (aansprakelijkheids)verzekerd vertrouwelijke gegevens zoals cliëntdossiers, communicatie en juridische bronnen te uploaden.
Dan komen we meteen bij het grootste knelpunt. De kwaliteitsbronnen (vakliteratuur, handboeken, fiscale vaktijdschriften, Tekst & Commentaar) zijn allemaal in handen van de grote uitgevers Kluwer en SDU. Veilig achter een betaalmuur zijn ze onzichtbaar voor AI. Dure abonnementen op deze auteursrechtelijk beschermde werken zijn al decennia het vertrouwde en stabiele verdienmodel. De eigen AI-oplossingen van deze uitgevers, die nog volop in ontwikkeling zijn, komen neer op veredelde zoekmachines en zijn (nog) geen serieus alternatief voor de grote tech spelers. Het zelf handmatig downloaden van bronnen uit Legal Intelligence en het vervolgens uploaden in een AI-tool (Harvey Vaults) is een oplossing, maar dit is zeer arbeidsintensief en omslachtig. Kluwer en SDU maken het ook (bewust) onmogelijk om handboeken en tijdschriften integraal als .pdf te exporteren of te kopiëren.
Ook is deze handelswijze een grijs gebied qua auteursrecht. In een ideale wereld zou de AI-tool rechtstreeks toegang moeten hebben tot alle data uit bijvoorbeeld Legal Intelligence (Kluwer/SDU). Niet alleen als zoekmachine of bron, maar ook als kwaliteitsdata om het model zelf op te gaan trainen. Vooralsnog is dat toekomstmuziek. Een dergelijke tool zou het historische verdienmodel van de grote Nederlandse uitgevers overhoop gooien. Het is logisch dat de grote uitgevers zich daar tegen verzetten en met een eigen AI-oplossing proberen te komen.
Cliënten en AI
Cliënten hebben ook massaal ChatGPT ontdekt. Een advocaat is gedrags- en tuchtrechtelijk verplicht om elk processtuk of inhoudelijk bericht in concept ter akkoord aan de cliënt voor te leggen. Waar in het verleden met een enkel woord een ‘akkoord’ retour kwam, of hooguit enkele feitelijke niet-juridisch inhoudelijke correcties, worden er nu hele epistels toegezonden. In sommige gevallen worden door cliënten complete processtukken door ChatGPT gehaald, ongetwijfeld met de beste bedoelingen. Zij denken hiermee advocaatkosten te besparen, maar het tegendeel is waar. Het FD kopte recent nog “Advocaten hebben dagtaak aan cliënten corrigeren die bij Chatbot te rade gaan.”1 Uit zorgvuldigheidsoogpunt moeten dergelijke berichten wel worden besproken en uitgelegd. Als ‘dominus litis’ is het negeren van deze vaak onzinnige AI-mails helaas ook geen optie.
Als advocaat is het al lastig om juist te prompten, terwijl wij beschikken over de context/vakkennis en gespecialiseerde juridische AI-tools zoals Harvey. Een generieke AI zal zelf ook nooit aan een cliënt uitleggen waarom iets simpelweg juridisch niet kan, maar altijd zoeken naar een vorm van een antwoord en dit ook heel professioneel presenteren.2 Hoe onzinnig het antwoord ook mag zijn, vanuit juridisch perspectief. Ook staan cliënten er niet bij stil dat het uploaden van vertrouwelijke stukken en verschoningsgerechtigde correspondentie de nodige risico’s met zich meebrengt. Als er wordt getraind op deze input kan het bij wildvreemden in theorie in een andere vorm in de output terecht komen, wat zeker in gevoelige strafzaken zeer onwenselijk is. Het met AI procederen zonder een dure advocaat komt ook voor, maar is al helemaal af te raden. Een recente uitspraak van de rechtbank Oost-Brabant kwalificeerde dit zelfs als misbruik van recht:3
“Tot slot weegt de kantonrechter bij het aannemen van misbruik van procesrecht mee dat [eisers] zijn processtukken naar eigen zeggen heeft opgesteld met behulp van een AI-instrument en, belangrijker nog, dat die processtukken verschillende onbegrijpelijke verwijzingen naar wetsartikelen en juridische onjuistheden bevatten. (…) De kantonrechter rekent het [eisers] aan dat hij de door AI geproduceerde stukken niet goed naleest en de juridische relevantie en juistheid ervan niet laat controleren door bijvoorbeeld een raadsman.”
De NOvA en AI
De projectgroep Digitalisering & AI van de Orde van Advocaten heeft recent zijn “Aanbevelingen AI in de advocatuur” uitgebracht. Deze aanbevelingen (die overigens qua opmaak met bulletpoints en kopjes uit ChatGPT lijken te zijn gerold) blijven aan de oppervlakte en bevatten weinig concrete handvatten. Het blijft bij wenken als ‘gebruik geen vertrouwelijke gegevens in gratis tools’. Dat het gebruik van een betaalde abonnementsdienst vervolgens ook geen garantie is voor vertrouwelijke verwerking wordt er niet bij vermeld. De meeste generieke betaalde abonnementsdiensten (ChatGPT, Gemini) bieden geen soevereine (standalone) AI-infrastructuur of preventieve lokale preventieve anonimisering voor de verwerking. Verder benadrukt de NOvA dat een advocaat eindverantwoordelijk blijft en de output moet controleren. De aanbeveling is verder om kantoorbreed AI-beleid op te stellen, cliënten hierover te infomeren en intern transparant te zijn over het gebruik. De NOvA lijkt hiermee te willen voorkomen dat advocaten stiekem in- of extern AI gaan gebruiken en zich met de output profileren, zonder dit aan cliënten of minder AI-vaardige kantoorgenoten te melden.
Mijns inziens zou het zinvol zijn als de NOvA ook een shortlist geeft van daadwerkelijk veilige en ‘goedgekeurde’ AI-producten, aangevuld met concrete best practices. Op dit moment blijven alle aanbevelingen voor het digibete deel van de balie een abstract verhaal. Dat de NOvA zich actief bemoeit met het gebruik van AI is noodzakelijk. Het als advocaat blind varen op AI is klachtwaardig en kan resulteren in een tuchtzaak, zo bleek vorige week nog maar eens uit een geruchtmakend nieuwsbericht met de titel “Advocaten krijgen waarschuwing en moeten op cursus na verkeerd gebruik AI”.4 AI verandert de advocaat zijn gereedschapskist, maar niet zijn verantwoordelijkheid op basis van artikel 10a Advocatenwet (kernwaarde deskundigheid).
AI en de praktijk
Een AI-model is zo goed als de data waar het mee werkt en op is getraind. In de praktijk zien we dat het handmatig uploaden van cliëntdossiers en juridische kennisbronnen in een gespecialiseerde juridische tool als Harvey veelbelovende resultaten geeft en daadwerkelijk tijd bespaart.5 Dit handmatig uploaden van bronnen is echter vrij omslachtig en arbeidsintensief en een grijs gebied qua auteursrecht. Voor vertalingen, het maken van tijdlijnen en samenvattingen is AI absoluut een uitkomst. Het juridisch correct opstellen van processtukken is ook mogelijk mits handboeken van het betreffende belastingmiddel worden geüpload, maar het vergt ook een (zeer) gedetailleerde en uitgebreide prompt van één A4 lang. Dat is een kunst op zich en soms net zoveel werk als het opstellen van een bezwaar- of beroepschrift.
Microsoft Copilot heeft als groot voordeel dat het al volledige toegang heeft tot het gehele interne DMS (document management system, de Microsoft SharePoint database) met alle cliëntdossiers van het kantoor en daar direct in kan zoeken en mee kan werken. In een ideale situatie beschikt een juridische AI-tool over toegang tot zowel het interne DMS van het kantoor, als de Nederlandse kwaliteitsbronnen van Kluwer/SDU, én is het model daarop getraind. Nu zien we nog ‘halve’ oplossingen waarbij de modellen één van deze onderdelen kunnen, maar serieuze gebreken hebben op een ander vlak.
AI en de kosten
Ook het financiële plaatje is een onderbelicht aspect. Een abonnement op Harvey is prijzig. De kostenbesparing is voor een cliënt vrij ondoorzichtig. Bij de grote Big-4 kantoren wordt bij de facturatie al een uitsplitsing gemaakt met een “AI/tech-fee”. Dit maakt voor cliënten het kostenplaatje van gebruikte AI-producten meer inzichtelijk, in verhouding tot de tijdsbesparing (en uren) van het ouderwets handwerk door een junior associate. Het bieden van een expliciete opt-out voor het gebruik van Legal AI is natuurlijk ook mogelijk. Dit kan bijvoorbeeld worden opgenomen in de overeenkomst van opdracht. Om de vertrouwelijkheid van de advocaat- cliëntrelatie optimaal te waarborgen, is het raadzaam om ook in de OvO de cliënt erop te wijzen dat het zelf verwerken van verschoningsgerechtigde correspondentie en processtukken in Chatbots grote risico’s met zich meebrengt en wordt afgeraden.
AI en de toekomst
Mijn voorspelling voor 2029 is dat AI een groot deel van het inhoudelijk juridisch-advocatuurlijk handwerk zal overnemen, mits de Legal AI-tools zich zo doorontwikkelen dat alle voornoemde kwaliteitsbronnen en eigen dossiers kunnen worden gecombineerd, met een speciaal voor het Nederlandse rechtsgebied getraind AI-model. Met name ten aanzien van auteursrechtelijk beschermd werk (en het trainen op die data) zie ik nog wel grote hindernissen. Ons auteursrecht en het businessmodel van grote uitgevers is er nog niet op ingericht. Een samenwerking tussen de grote uitgevers en de grote AI-spelers zou een oplossing kunnen zijn. Het trainen van een model op interne cliënt/dossierdata zou ook goede resultaten kunnen geven. De recente stormachtige ontwikkelingen met OpenClaw, CoCounsel Legal en Claude Cowork lijken op dit vlak veelbelovend.6
Uiteindelijk zal het menselijke aspect van het advocatenvak vermoedelijk veel belangrijker worden dan de vakinhoud, ook qua concurrentiepositie binnen de juridische markt. In het recht draait het om regels, in de rechtszaal om mensen. Mijn voorspelling voor 2029 is dat AI een belangrijk deel van het werk heeft overgenomen van adviserende advocaten, de zogenaamde bureaujuristen. Procesadvocaten (strafrecht, familierecht) die dagelijks in de rechtszaal staan en direct te maken hebben met cliënten hun persoonlijke belangen, menselijke grillen en emoties zullen waarschijnlijk de minste impact ervaren.7 AI kan jurisprudentie vinden en contracten, processtukken en adviezen schrijven. Maar alleen een mens kan het vertrouwen van een cliënt of rechter winnen en in een onderhandeling of rechtszaal pleiten met overtuiging.
Intussen mag een cliënt van zijn fiscaal advocaat verwachten dat hij zelf blijft nadenken en met creatieve oplossingen komt.
[1] https://fd.nl/bedrijfsleven/1585926/advocaten-hebben-dagtaak-aan-clienten-corrigeren-die-bij-chatbot-te-rade-gaan
[2] https://tweakers.net/nieuws/239420/openai-rapport-hallucinaties-zijn-wiskundig-inherent-aan-huidige-ai-aanpak.html
[3] https://uitspraken.rechtspraak.nl/details?id=ECLI:NL:RBOBR:2025:8495
[4] Advocaten krijgen waarschuwing en moeten op cursus na verkeerd gebruik AI
[5] Bij Harvey “Vaults” genoemd.
[6] https://www.thomsonreuters.com/en/press-releases/2026/february/one-million-professionals-turn-to-cocounsel-as-thomson-reuters-scales-ai-for-regulated-industries
[7] Mits het procesmonopolie voor advocaten blijft bestaan en cliënten niet zelf met AI mogen procederen.


Geef een reactie