Nederlandse bedrijven mogen zich wel wat bescheidener opstellen op het gebied van duurzaamheid, zegt Schramade in gesprek met het FD. “We hebben vaak de indruk dat we enorm vooroplopen op het gebied van duurzaamheid, maar dat idee heb ik niet. Ik ben vaker aangenaam verrast door buitenlandse jaarverslagen. Ik heb verslagen van Indiase of Finse bedrijven gezien die veel duidelijker opschrijven wat hun pad is naar duurzaamheid dan veel Nederlandse bedrijven.”
Kleine winst groot gepresenteerd
De CSRD-verslagen bieden geen diepere inzichten, vindt Schramade. “Bedrijven denken vaak niet groot genoeg. Kleine duurzaamheidswinsten worden groots gepresenteerd. Ze slaan zich op de borst over het lopen van Rotterdam naar Breukelen, terwijl we onderweg zijn naar Tokio. Laten we dat nou niet doen.”
Te veel over van alles rapporteren biedt juist geen duidelijkheid: “Dat creëert een soort rookgordijn.” Zo kunnen de negatieve effecten naar de achtergrond worden gedrongen door enkele gebieden waarop een bedrijf wel redelijk scoort. “Ik wil enkel een uitgebreide toelichting lezen op de onderwerpen die echt raken aan de strategie van het bedrijf. Dat zijn maar drie tot vijf onderwerpen; het hoeven er geen tientallen te zijn, leert de ervaring.”
De hoogleraar vindt de duurzaamheidsrapportages ingewikkeld. “De CO₂-uitstoot valt doorgaans nog wel uit het jaarverslag te halen, maar de impact op bijvoorbeeld biodiversiteit of andere maatschappelijke kosten niet. Wáár in het jaarverslag van Heineken staat bijvoorbeeld informatie over de gezondheidsproblemen door bier, en de kosten die die met zich meebrengen?”
Accountants weinig geoefend
De ESRS-richtlijnen voor het opstellen van duurzaamheidsrapportages gaan misschien helpen, maar Schramade is ook kritisch op de capaciteiten van accountants: “Bedrijven klagen bijvoorbeeld dat accountants weinig geoefend zijn in het lezen van duurzaamheidsverslagen. Zij moeten zelf de accountant opleiden, die vervolgens wel moet aftekenen. […] Idealiter hebben we over een paar jaar een nieuwe generatie accountants die is opgegroeid met CSRD-verslagen.”
De hoogleraar ziet er geen graten in dat bedrijven inzetten op duurzaamheidsrapportage om concurrentievoordeel te behalen. “Het is misschien niet het meest nobele motief, maar wel een heel valide motief. Ik heb liever dat bedrijven om deze reden beter gaan rapporteren, dan dat ze het de moeite niet waard vinden.”


Geef een reactie