Twee dagen geleden meldde het AD dat een spooktrap de gemeente Utrecht uit de slaap haalt. Die trap is inmiddels gelokaliseerd. Het enige spookachtige is nog het torenhoge prijskaartje van 1,9 miljoen. Dat kan volgens PwC niet worden onderbouwd.
Uithoflijn
Het blijkt te gaan om een dubbele trap die de Utrechtse stationshal verbindt met de beide tramperrons van de Uithoflijn. De trap hoort bij de het hoofdpijndossier van de Uithoflijn. Kosten voor die tramverbinding tussen Utrecht CS en de Uithof worden gedeeld tussen provincie Utrecht en gemeente Utrecht. De rekening voor de trap stuurde aannemer BAM naar de provincie. Maar die heeft de factuur doorgestuurd naar de gemeente. Raadsleden hadden echter geen weet van het bestaan van deze trap, laat staan van het ‘torenhoge bedrag’. Politici zijn daarnaast extra verontrust omdat volgens de provinciale accountant de rekening van 1,9 miljoen euro niet goed onderbouwd kan worden.
Onduidelijkheid
PwC stelt dat onduidelijk is of de prijs (1,9 miljoen euro) in verhouding staat met wat er geleverd is. Volgens PwC maakt de rekening voor de trap deel uit van de in totaal 12,2 miljoen euro aan extra kosten voor de Uithoflijn die aan aannemer BAM zijn betaald zonder dat precies duidelijk is waarvoor. Dit ‘onzekere’ bedrag stelde accountant EY vorig jaar zomer na maandenlang speurwerk vast.
Reëel
Volgens een kostendeskundige die eerder nauw betrokken was bij het project Uithoflijn is het weliswaar een ‘dure trap’, maar lijkt de prijs van 1,9 miljoen euro ‘reëel’. Bij dit soort grote infrastructurele projecten wordt er door de opdrachtgever altijd een kostendeskundige ingehuurd die kijkt of de onderbouwing van de rekeningen juist is. De deskundige heeft aan de hand van foto’s en tekeningen een kostenberekening van de trap gemaakt voor het Algemeen Dagblad. ‘Glas en natuursteen zijn altijd duur en die trap is echt maatwerk,’ zegt de deskundige in de krant. ‘Aan directe kosten kom ik ongeveer uit op 1,4 miljoen euro. Als je daar ook de uitvoeringskosten, algemene kosten, onderzoek en engineeringskosten bij neemt, kom ik op 1,9 miljoen euro. Dus het is geen gekke prijs. Maar een onderbouwing van de bedragen ontbreekt inderdaad bij de stukken.’
Doorschuiven
De Utrechtse gemeenteraadfracties snappen niet waarom de provincie de kosten voor de trap in z’n geheel doorschuift naar de gemeente. De provincie en gemeente hebben namelijk eerder met elkaar afgesproken dat meerkosten voor het project voor 76 procent voor rekening van de provincie komen en dat de gemeente Utrecht voor 24 procent moet meebetalen. Volgens een woordvoerder van de provincie is de trap op die plek een expliciete wens van de gemeente Utrecht. In een commissievergadering van 13 juli van dit jaar liet accountant Martine Koedijk van accountantsbureau PwC aan de statenleden weten dat ‘de trap een contract met de gemeente Utrecht betreft’.
Bron: AD


Geef een reactie