
De overeenkomst die een Amsterdamse depothouder – iemand die kranten verdeelt onder bezorgers die ze vervolgens naar de abonnees brengen – had met uitgever Mediahuis is een arbeidsovereenkomst. Datzelfde geldt voor 17 andere depothouders die ook procedeerden. Dat heeft de rechtbank Amsterdam bepaald.
Invloed op werkwijze

Dat de depothouder zich bij afwezigheid mag laten vervangen legt hiertegenover te weinig gewicht in de schaal, oordeelt de kantonrechter. Temeer nu die vervanging feitelijk slechts onderling geregeld kon worden en ook daadwerkelijk werd.
Onregelmatige opzegging
Conclusie van het voorgaande is dus dat de overeenkomst tussen partijen dient te worden gekwalificeerd als een arbeidsovereenkomst. Dat betekent ook dat de overeenkomst is opgezegd in strijd met artikel 7:671 BW, nu sprake is van een opzegging zonder toestemming (zoals bedoeld in artikel 7:671a BW) of instemming van de depothouder en een ontslag op staande voet niet aan de orde is. Omdat Mediahuis de overeenkomst met de Amsterdamse depothouder onregelmatig heeft opgezegd moet Mediahuis bijna 1.300 euro bruto betalen. Ook moet Mediahuis hem ruim 6800 euro bruto aan transitievergoeding en ruim 2500 euro bruto aan billijke vergoeding betalen.


Geef een reactie