De drie bedrijven hadden het kantoor ingehuurd voor hun boekhouding, belastingaangiftes en jaarrekeningen. Volgens de bedrijven zijn die taken “niet of niet goed” uitgevoerd. Toen zij overstapten naar een andere accountant, bleek dat de oude dienstverlener de administratie niet wilde of kon overdragen. Daardoor kon het nieuwe kantoor het werk niet voortzetten.
Spoedzaak
De bedrijven moesten uiterlijk 1 september 2025 hun aangifte vennootschapsbelasting over 2023 indienen. Omdat ze daarvoor de stukken nodig hadden, konden ze niet wachten op een langdurige rechtszaak. Ze stapten daarom in kort geding naar de kantonrechter, die het spoedeisend belang erkende.
Accountant afwezig
De gewezen accountant verzocht vergeefs om uitstel en verscheen vervolgens niet op de zitting. Daardoor werden de eisen van de drie bedrijven automatisch toegewezen. De rechter besloot dat de overeenkomst met het kantoor in een latere procedure zal worden ontbonden, en schorste alvast de betalingsverplichtingen van de bedrijven.
Overdracht binnen 48 uur
De rechter bepaalde dat het accountantskantoor binnen 48 uur na het vonnis de volledige administratie over 2020 tot en met 2023 moet overdragen. Dat omvat de jaarrekeningen, aangiftes vennootschapsbelasting en digitale back-ups van bonnen en facturen. Voor elke dag vertraging geldt een dwangsom van € 250, met een maximum van € 12.500.
Voorschot
Daarnaast moet het kantoor een voorschot van € 25.000 betalen. Dit bedrag is bedoeld als compensatie voor werkzaamheden die niet zijn uitgevoerd en voor een boete van de Belastingdienst. De rechter stelde vast dat de voormalige accountant ernstig tekortgeschoten is. Zo werden onjuiste nul-aangiftes gedaan, afspraken niet nagekomen en boetes niet verrekend. Tot slot moet het kantoor ook de volledige proceskosten betalen.
Lees hier de uitspraak.



Geef een reactie