De boete is verhoogd omdat het kantoor volgens de toezichthouder bij de buitenwereld de indruk wekte dat het wel wettelijke controles mocht verrichten. “Ondernemingen die hun jaarrekeningen lieten controleren en gebruikers van die jaarrekeningen zijn op het verkeerde been gezet. Het vergunningstelsel – dat bedoeld is om de kwaliteit van controles te bevorderen – werd ontlopen.”
Uitzonderlijke situatie
De AFM heeft van KC Audit 32 wettelijke controleopdrachten ontvangen, waarvan er negen zijn onderzocht. In alle gevallen bleek dat KC Audit ten onrechte de opdracht aanvaardde en de wettelijke controle verrichtte, aldus de toezichthouder. “Dit is een uitzonderlijke situatie en de AFM vindt het belangrijk om hiertegen op te treden.” De toezichthouder benadrukt het belang van de vergunning. “Dit draagt eraan bij dat de accountantsorganisatie voldoet aan eisen die de kwaliteit van wettelijke controles waarborgen, en die zien op de onafhankelijke uitvoering. Dit is cruciaal, omdat ondernemingen en hun stakeholders besluiten baseren op gecontroleerde jaarrekeningen.”
Extra verwijtbaar
De vergunningplicht is een van de kernbepalingen uit de accountancywetgeving, aldus de AFM, en het basisboetebedrag hiervoor is € 2 miljoen. “Extra verwijtbaar is dat KC Audit naar de buitenwereld uitdroeg dat zij wettelijke controles mocht verrichten, door een samenwerking met een vergunninghouder. Ondernemingen die hun jaarrekening lieten controleren zijn hierdoor op het verkeerde been gezet. Vanwege de geringe omvang en draagkracht van KC Audit is het totaalbedrag verlaagd tot € 250.000.”
Samenwerking met vergunninghouder
KC Audit is het oneens met de boete en heeft bezwaar aangetekend. Wordt dat afgewezen, dan volgt een gang naar de rechter, want het accountantskantoor heeft een heel andere visie op de gang van zaken. “De AFM stelt dat KC Audit wettelijke controles heeft uitgevoerd zonder Wta-vergunning. Deze conclusie mist feitelijke en juridische grondslag. Wij hebben onze wettelijke controles altijd uitgevoerd in samenwerking met een accountantsorganisatie met een geldige Wta-vergunning, waarbij de accountantsorganisatie ervoor heeft zorggedragen dat elke opdracht voldoet aan de gebruikelijke normen op het gebied van onafhankelijkheid, kwaliteit en naleving van regelgeving.”
Ook de door de AFM bekeken controleopdrachten zijn formeel en inhoudelijk uitgevoerd in samenwerking met de vergunninghouder. “KC Audit trad op als ondersteunende partij, in nauwe afstemming met cliënten en op transparante wijze.”
‘Cliënten waren op de hoogte’
De AFM stelt volgens KC Audit ook ten onrechte dat de informatieverstrekking richting cliënten onvolledig is geweest. “KC Audit heeft in haar communicatie, documentatie en uitvoering steeds duidelijk gemaakt wat de rolverdeling was. Onze cliënten waren daarvan op de hoogte en hebben bewust gekozen voor de samenwerking zoals vormgegeven.”
KC Audit zegt het belang van toezicht op de kwaliteit van wettelijke controles te onderschrijven. “Juist daarom hebben wij ons steeds gehouden aan een model waarbij de vergunninghouder eindverantwoordelijk is én zichtbaar is voor alle stakeholders. Wij zijn van mening dat de AFM met dit boetebesluit niet alleen een onjuiste interpretatie hanteert van de feitelijke samenwerking, maar ook nalaat om in dialoog te treden over mogelijke verbeterpunten.”
Geen dialoog gezocht
Het kantoor haalt een uitspraak aan van hoofd accountancytoezicht Arnold Pureveen RA in NBA-magazine Accountant: “De AFM heeft een instrumentarium om te handhaven, maar primair zoeken we het overleg, met respect voor elkaars rollen. We mogen het soms oneens zijn, maar liever dan ieder vanuit een eigen positie te opereren, zetten we samen een streep aan de horizon.”
KC Audit zegt die houding niet te herkennen uit de eigen ervaringen. “Gedurende het gehele vergunningstraject en het onderzoekstraject heeft KC Audit het initiatief genomen tot overleg. De AFM heeft echter gekozen voor formele handhaving zonder waarschuwing en legde een forse boete op zonder dat duidelijke richtsnoeren of dialoog hebben plaatsgevonden. Dat vinden wij zorgelijk.”
Daarom zal het kantoor ook bij afwijzing van het bezwaar in beroep gaan. “Niet alleen ter bescherming van onze reputatie en onze werkwijze, maar ook om duidelijkheid te verkrijgen voor de gehele sector. Het is van groot belang dat toezicht niet plaatsvindt op basis van verkeerde aannames of zonder ruimte voor overleg. De toezichthouder moet voorspelbaar, transparant en constructief opereren – ook voor kleinere, innovatieve kantoren.”
Met de AFM is stevig gediscussieerd over de zaak, maar dat heeft niet mogen baten. In het boetebesluit staat dat uit de voorhanden informatie niet is gebleken dat de vergunninghoudende partij ook daadwerkelijk de controles deed. “KC Audit heeft verschillende werkzaamheden verricht ter voorbereiding van wettelijke controles, die evenzeer vergunningplichtig zijn. Deze werkzaamheden heeft zij zelfstandig en voor eigen rekening en risico verricht.”
Dubbele pet
De AFM ziet een dubbelrol van de RA die betrokken was bij de controles en behalve bij de samenwerkingspartner ook bij KC Audit zelf werkte: “Feit is dat [de RA] een dubbele pet droeg. [Hij] was immers ook […] van KC Audit, in welk kader ook de afspraak is gemaakt dat [de RA] via diens holding een maandelijkse vergoeding van € 125 per declarabel direct uur gewerkt ten behoeve van de cliënten van KC Audit ontving. KC Audit was een nieuw opgerichte onderneming die wettelijke controles wilde verrichten, en [de RA] deed […] een duit in het zakje door […] diens Wta-vergunning in te zetten bij de controleverklaring. Daarbij zijn overigens al afspraken gemaakt over het uitkopen van [de RA].”



Geef een reactie