Belastingen en ondernemerschap
Het ondernemersklimaat vormt de kern van de fiscale agenda. Volgens de partij is het essentieel dat de overheid structureel inzet op stabiliteit en internationale aantrekkingskracht. Daarom wil de VVD wettelijk verankeren dat de overheid verplicht is het ondernemersklimaat te verbeteren. Dat betekent “een stabiel fiscaal klimaat, minder bureaucratie en stimulering van groeitechnologieën”. De ambitie is om structureel in de top tien van meest concurrerende economieën ter wereld te staan. Mocht Nederland uit de top tien dreigen te vallen, dan moet de overheid volgens de VVD direct corrigerende maatregelen nemen.
Belastingverlaging voor ondernemers blijft het uitgangspunt. “Minder lasten voor ondernemers is onze inzet,” aldus de partij. Daarmee wil de VVD investeringsruimte creëren en voorkomen dat bedrijven uitwijken naar het buitenland. Instrumenten zoals de innovatiebox en de Wet Bevordering Speur- en Ontwikkelingswerk (WBSO) worden behouden en uitgebreid, zodat investeringen in nieuwe technologieën fiscaal aantrekkelijk blijven.
Werknemers laten meedelen
De partij richt zich ook op de fiscale positie van werknemers. Het uitgangspunt is dat winst- en waardestijgingen breder gedeeld moeten kunnen worden, niet alleen in start- en scale-ups. “We willen het voor álle bedrijven aantrekkelijk maken om aan het personeel aan te bieden mee te delen in de waardestijging en winst van het bedrijf.” Daarnaast wil de VVD de werkkostenregeling verder verruimen. Ondernemers moeten hun werknemers vaker onbelast kunnen belonen, bijvoorbeeld via maaltijden, kerstpakketten of sportabonnementen.
Arbeid en koopkracht
Een belangrijke pijler is het fiscaal stimuleren van werken. De VVD stelt een nieuwe Koopkrachtwet voor die garandeert dat werkenden jaarlijks méér in koopkracht vooruitgaan dan niet-werkenden. “Meer werken moet beloond worden. Dat is gewoon eerlijk.” Het belastingstelsel moet worden vereenvoudigd en “de doorgeslagen nivellering via toeslagen, aftrekposten en heffingskortingen” wordt teruggedrongen. Daarbij mikt de partij op lastenverlichting voor middeninkomens en minder inkomensafhankelijke regelingen.
Ook reiskosten moeten fiscaal aantrekkelijk blijven. De belastingvrije reiskostenvergoeding wordt verhoogd en in de toekomst geïndexeerd aan de inflatie. In alle cao’s moeten afspraken over een reiskostenvergoeding worden opgenomen, zodat woon-werkverkeer geen barrière vormt om meer te werken.
Particulieren: wonen, sparen en energie
Voor huishoudens benadrukt de VVD betaalbaarheid en stabiliteit. De hypotheekrenteaftrek blijft onaangetast. Pogingen van andere partijen om het eigen huis zwaarder te belasten, worden resoluut afgewezen. Gemeenten mogen woningen niet als “melkkoe” behandelen; daarom wil de partij de jaarlijkse stijging van de onroerendezaakbelasting begrenzen. De overdrachtsbelasting bij verkoop van gesplitste woningen wordt verlaagd en verhuurders moeten via een hervorming van box 3 een positief rendement kunnen behalen.
Wat betreft sparen en beleggen stelt de VVD: “Omdat er al belasting betaald is over geld waarvoor gewerkt is, wil de VVD geen verhogingen van de belastingen op sparen (box 3), ondernemen (box 2) en geen hogere erf- en schenkbelasting.” Zo snel mogelijk wil de partij over naar een stelsel waarin alleen werkelijk rendement wordt belast, met op langere termijn belastingheffing uitsluitend op gerealiseerde winsten.
Ook in de sfeer van energie en verduurzaming kiest de partij voor fiscale prikkels. Energie moet betaalbaar blijven; de VVD stelt daarom een verlaging van de energiebelasting voor. Daarnaast wil zij groene investeringen deels aftrekbaar maken: “Voor wie vrijwillig groen investeert maken we het fiscaal aantrekkelijk om een nieuwe warmtepomp aan te schaffen.”
Mobiliteit en accijnzen
Betaalbaarheid van mobiliteit is een terugkerend thema. De VVD wil de brandstofaccijns verlagen, om autorijden bereikbaar te houden voor brede groepen. Tegelijkertijd werkt de partij aan een hervorming van de autobelastingen, met als uitgangspunt dat “werkenden er niet op achteruit mogen gaan”. Voor luchtvaart geldt dat vliegen betaalbaar moet blijven. Daarom worden geen nieuwe vliegbelastingen ingevoerd en bestaande heffingen niet verhoogd.
Lastenverlichting in plaats van lastenverzwaring
De VVD kiest expliciet voor bezuinigingen boven belastingverhogingen. Investeringen in veiligheid en economische groei moeten worden gefinancierd door “minder uitgeven in plaats van hogere belastingen”. Daarmee, zo stelt de partij, “leggen we de rekening niet bij hardwerkende Nederlanders of ondernemers neer, maar bij de overheid zelf.” Ook in de parlementaire praktijk wil de VVD meer discipline: voorstellen om belastingen te verhogen moeten eerst een analyse bevatten van de gevolgen voor vestigingsklimaat en koopkracht.
Decentrale belastingen
Ook de rol van gemeenten en provincies komt aan bod. De VVD is geen voorstander van uitbreiding van het lokale belastinggebied. Volgens de partij leidt dit “alleen maar tot een lastenstijging voor de inwoners”. Gemeenten krijgen wel meer instrumenten om hun financiën te beheersen. De verschillen in gemeentelijke regelingen, vooral rond armoedebeleid, wil de VVD harmoniseren. Leges mogen maximaal kostendekkend zijn. Op langere termijn wordt een ingezetenenheffing als alternatief voor bestaande lokale belastingen onderzocht.
Het (concept) verkiezingsprogramma van de VVD vind je hier.
Lees hier alle afleveringen over de fiscale plannen van partijen.


Geef een reactie