De sterke versobering van de CSRD- en CSDDD-rapportageplichten vergroot het gevaar van een zogeheten ESG-transparantiekloof, vindt Knol. “Cruciale ketendata verdwijnt en duurzaamheidsverslagen missen grip op de werkelijkheid.”
Zicht vervaagt
De CSRD wordt beperkt tot ondernemingen met meer dan 1.750 medewerkers en € 450 miljoen omzet. De nieuwe drempel ontslaat duizenden grote ondernemingen van de verplichting om over duurzaamheidsdata te rapporteren. Daarmee vervaagt het zicht op duurzaamheidsprestaties in de keten, aldus Knol. “Rapporterende bedrijven missen cruciale informatie over Scope 3-emissies, materiaalkenmerken zoals herkomst en circulariteit van grondstoffen, arbeidsomstandigheden en naleving bij ketenpartners. Wat resteert, zijn vaak aannames en sectorbenchmarks.”
En zonder ketendata raakt het doel uit zicht om kwaliteit, betrouwbaarheid en vergelijkbaarheid van duurzaamheidsinformatie te verbeteren, aldus Knol. “Vooral bij milieudata, waar het merendeel van de impact buiten de eigen organisatie ligt, is dit problematisch.”
VSME
Knol pleit daarom voor het stimuleren van vrijwillige rapportage via de VSME-standaard. Dat is een vrijwillige Europese standaard voor (mkb-)bedrijven die niet onder de rapportageregels vallen. Hij noemt ook het gebruik van digitale tools voor dataverzameling en het maken van sectorale afspraken over datatransparantie. “Beleidsmakers, brancheorganisaties en rapporterende bedrijven moeten hierin gezamenlijk verantwoordelijkheid nemen. Als dit niet wordt opgelost, verliest de CSRD haar geloofwaardigheid en wordt duurzaamheidsbeleid gestuurd op aannames in plaats van onderbouwde en gevalideerde inzichten.”
‘Juridische verlamming’
De zogeheten Omnibus-hervorming leidt tot scepsis bij bedrijven, constateerde duurzaamheidsorganisatie WeAreEurope eerder deze maand al na een enquête over due-diligencerichtlijn CSDDD. “Wat bedoeld was als een vereenvoudiging van de wet, wordt door veel bedrijven gezien als een verzwakking van de duurzaamheidsagenda én als een bron van juridische onzekerheid.” Er zijn ruim 150 bedrijven bevraagd uit 21 Europese landen. Van hen is 63% ontevreden over de Omnibus-versie van de CSDDD en meer dan 60% verzet zich tegen het schrappen van essentiële bepalingen, zoals minimale boetes, verplichte beëindiging van relaties bij ernstige misstanden en de uitzonderingspositie voor de financiële sector. “Veel bedrijven zien de hervorming vooral als een stap terug.”
In Nederland vindt 69% van de bedrijven dat due diligence over de volledige waardeketen wettelijk verplicht moet zijn en eenzelfde percentage had liever gezien dat de oorspronkelijke wetgeving behouden blijft. Bedrijven zien in versoepeling met name meer onzekerheid, hogere kosten en verlies aan legitimiteit. “Respondenten vrezen dat de hervormingen leiden tot juridische paralyse en versnippering, waardoor de duurzaamheidstransitie vertraagt en investeringen in innovatie onder druk komen te staan.”



Geef een reactie